ECLI:NL:RBLEE:2007:BB3976

Rechtbank Leeuwarden

Datum uitspraak
14 september 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
226741 CV EXPL 07-5248
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
  • P. Schulting
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 40 Wet Personenvervoer 2000Art. 254 lid 4 Rv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering tot wedertewerkstelling in combifunctie buschauffeur/controleur na concessieovergang

In deze zaak vordert een werknemer, die circa 27 jaar als buschauffeur bij Arriva werkte, bij de overgang van de vervoersconcessie naar Connexxion wedertewerkstelling in zijn vermeende combifunctie van controleur/buschauffeur. De werknemer stelt dat hij sinds januari 2006 afwisselend als controleur en buschauffeur werkte en dat deze combifunctie met bijbehorende arbeidsvoorwaarden is overgegaan naar Connexxion.

Connexxion betwist dit en wijst op het artikel 40-overleg in het kader van de Wet Personenvervoer 2000, waarin alleen de functie van buschauffeur is genoemd en geen controleursfunctie. Tevens voert Connexxion aan dat een dergelijke combifunctie binnen haar organisatie niet bestaat en dat zij de werknemer passend heeft proberen te herplaatsen, wat niet tot een geschikte functie heeft geleid.

De kantonrechter oordeelt dat onvoldoende aannemelijk is dat de werknemer de combifunctie controleur/buschauffeur bekleedde bij de overgang van de concessie. Het artikel 40-overleg en het convenant tonen aan dat alleen de functie van buschauffeur is overgegaan. Ook de medische beperkingen van de werknemer zijn onvoldoende onderbouwd en Connexxion heeft hier rekening mee gehouden.

Daarom wordt de vordering tot wedertewerkstelling in de combifunctie afgewezen en wordt de werknemer veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De vordering tot wedertewerkstelling in de combifunctie wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN
Sector kanton
Locatie Leeuwarden
zaak-/rolnummer: 226741 \ CV EXPL 07-5248
vonnis van de kantonrechter ex art. 254 lid 4 Rv Pro d.d. 14 september 2007
inzake
[eiser]
hierna te noemen: [eiser],
wonende te Leeuwarden,
eiser,
gemachtigde: mr. A. Verstegen,
tegen
De naamloze vennootschap Connexxion Openbaar Vervoer N.V.,
hierna te noemen: Connexxion,
gevestigd te Hilversum,
gedaagde,
gemachtigde: mr. W.M. Hes.
Procesverloop
1. [eiser] heeft Connexxion gedagvaard voor de zitting van 29 augustus 2007 en op de bij exploot vermelde gronden gevorderd bij wijze van voorlopige voorziening uitvoerbaar bij voorraad Connexxion te bevelen om binnen twee maal 24 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis [eiser] in zijn combifunctie van controleur/buschauffeur voor de overeengekomen arbeidsduur per week te werk te stellen en [eiser] in staat te stellen de bij zijn functie behorende werkzaamheden te verrichten, zulks op straffe van een dwangsom van € 500,00 voor iedere dag dat Connexxion nalatig blijft aan deze veroordeling te voldoen, met veroordeling van Connexxion in de kosten van het geding.
De mondelinge behandeling is gehouden op 29 augustus 2007. Ter terechtzitting hebben partijen hun standpunten nader toegelicht, waarbij de gemachtigden van partijen gebruik hebben gemaakt van pleitnotities. Door beide partijen zijn producties in het geding gebracht.
Connexxion heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van [eiser], met veroordeling -uitvoerbaar bij voorraad- van [eiser] in de kosten van het geding. Van het verhandelde ter zitting zijn aantekeningen gemaakt door de griffier.
Vervolgens is vonnis bepaald.
Motivering
De feiten
2. In dit kort geding hebben de volgende feiten als vaststaand te gelden.
2.1. [eiser], die geboren is op 12 februari 1952, is ongeveer 27 jaar in dienst geweest bij de (rechtsvoorganger(s)) van Arriva Openbaar Vervoer N.V., hierna: Arriva, in de functie van (bus)chauffeur.
2.2. Arriva heeft in een brief van 28 februari 2006 het volgende aan [eiser] geschreven:
Met ingang van 1 januari 2006 wordt u naast uw werkzaamheden als buschauffeur ook regelmatig, ongeveer 50% van uw tijd, ingezet als Buitengewoon Opsporings Ambtenaar (BOA-er). Ik ga ervan uit dat u zich zult blijven inspannen om uw bevoegdheid als Boa-er in stand te houden. Faciliteiten hiervoor zullen door het bedrijf worden verleend. Ik verzoek u om een kopie van het BOA diploma naar de afdeling Personeelszaken te Heerenveen te sturen. Uw regelmatige inzet als BOA-er heeft geen gevolgen voor uw arbeidsvoorwaarden.
2.3. In het kader van de overgang van de vervoersconcessie Noord- en Zuidwest Friesland van Arriva naar Connexxion, is [eiser] met ingang van 10 december 2006 in dienst getreden van Connexxion.
2.4. Ingevolge het bepaalde in artikel 40 van Pro de Wet Personenvervoer 2000 (WPV) heeft tussen Arriva, Connexxion en de belanghebbende werknemersverenigingen overleg plaatsgevonden als bedoeld in artikel 40 WPV Pro. In het van dit overleg opgemaakte en door alle partijen ondertekende convenant van 13 november 2006 is -onder meer en voor zover hier van belang- opgenomen dat er 61,73 fte chauffeurs Leeuwarden zullen overgaan naar Connexxion. De functie van controleur wordt in het convenant niet genoemd.
2.5. [eiser] is door Connexxion tewerk gesteld als buschauffeur en niet (mede) als controleur.
Het standpunt van [eiser]
3. [eiser] stelt dat hij om medische redenen beperkt inzetbaar is, hetgeen zich met name uit in statische houdingen (bijvoorbeeld langdurig zitten). Arriva heeft hier rekening mee gehouden. Sinds januari 2006 verrichtte [eiser] bij Arriva per week afwisselend werkzaamheden als controleur en als buschauffeur. Omdat [eiser] op de peildatum 18 oktober 2006 de functie van controleur/buschauffeur vervulde, is [eiser] in die functie met bijbehorende arbeidsvoorwaarden door Connexxion overgenomen. [eiser] heeft allerlei pogingen ondernomen om zijn combifunctie, dan wel een gelijkwaardige functie bij Connexxion terug te krijgen, maar Connexxion heeft hem alleen in de functie van buschauffeur tewerkgesteld. Bij Connexxion heeft [eiser] gesolliciteerd naar de combifunctie van Medewerker Support, maar hij is niet aangenomen. Door [eiser] niet in zijn eigen functie tewerk te stellen handelt Connexxion volgens [eiser] in strijd met de wet en het goed werkgeverschap.
Het standpunt van Connexxion
4. Door Connexxion is er op gewezen dat uit de vastlegging van het zogenaamde Artikel 40 Overleg Pro volgt dat 61,73 fte chauffeurs naar Connexxion zijn overgegaan. De functie van controleur wordt in het overleg niet genoemd. De consequentie van het standpunt van [eiser], namelijk dat hij een combifunctie heeft die niet in het opgemaakte convenant is genoemd, zou kunnen zijn dat de functie van [eiser] niet is overgegaan. Connexxion gaat er echter van uit dat [eiser] als buschauffeur is overgegaan omdat hij deze functie ook bij Arriva bekleedde. Dit blijkt uit het Artikel 40 Overleg Pro, waarin [eiser] als buschauffeur staat vermeld. Volgens Connexxion blijkt uit de brief van 28 februari 2006 ook niet dat [eiser] een andere functie heeft gekregen, maar uitsluitend dat hij naast zijn werkzaamheden als chauffeur ook als buitengewoon opsporingsambtenaar zou worden ingezet, onder gelijkblijvende arbeidsvoorwaarden.
Voor het geval aannemelijk zou worden dat [eiser] de combifunctie van Controleur/Bus-chauffeur heeft gehad, heeft Connexxion aangevoerd dat binnen haar organisatie een dergelijk combifunctie niet bestaat en dat van haar ook niet gevergd kan worden een dergelijke functie voor één werknemer te creëren. Er zijn met [eiser] gesprekken gevoerd om te bezien of hij in een andere functie zou kunnen worden geplaatst. Voor de door [eiser] gewenste functie Medewerker Support is [eiser] volgens Connexxion niet gekwalificeerd. Voor deze functie is MBO-denk- en werkniveau nodig en de functie is ingeschaald in schaal 7. De functie van buschauffeur heeft andere opleidingseisen en is ingeschaald in schaal 5. Connexxion heeft [eiser] wel gewezen op de mogelijkheden om (in Almere) medewerker Veiligheid Informatie en Controle (VIC) te worden, welke functie voor [eiser] passend is, maar daarvan heeft [eiser] geen gebruik willen maken. Voorts heeft Connexxion er op gewezen dat zij rekening houdt met de medische beperking die [eiser] heeft, door hem niet meer dan drie dagen achtereen in te roosteren en hem dan een dag vrij te geven.
De beoordeling van het geschil
5. Het spoedeisend belang van de gevraagde voorziening wordt voldoende aanwezig geacht.
6. De kantonrechter stelt voorop dat de vordering van [eiser] alleen toewijsbaar is indien voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter tot het oordeel zal komen dat [eiser] in het kader van de overgang van de vervoersconcessie Noord- en Zuidwest Friesland van Arriva naar Connexxion is overgegaan in de functie van Controleur/Buschauffeur. In dit verband komt gelet op het bepaalde in de Wet personenvervoer 2000 grote betekenis toe aan het zogenaamde Artikel 40 Overleg Pro. Uit het van dit overleg opgemaakte convenant blijkt dat [eiser] is overgegaan in de functie van buschauffeur en voorts dat er in het geheel geen controleursfunctie is overgegaan.
Reeds hierom acht de kantonrechter het voorshands niet aannemelijk dat [eiser] is overgegaan in de functie van controleur/buschauffeur. Voorts is onvoldoende aannemelijk geworden dat ten tijde van de overgang van de concessie [eiser] de combifunctie van Controleur/Buschauffeur bekleedde. Het feit dat [eiser] enige tijd voor ongeveer 50% van de werktijd is ingezet als controleur maakt dit niet anders.
7. Voor zover [eiser] zich op het standpunt stelt dat Connexxion hem vanwege zijn medische beperkingen redelijkerwijs een met bedoelde combifunctie vergelijkbare functie had behoren aan te bieden overweegt de kantonrechter dat Connexxion voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de functie Medewerker Support, gelet op het niveau van die functie en de inschaling ervan, geen passende functie voor [eiser] is. De functie van VIC-medewerker lijkt wel passend te zijn, maar [eiser] heeft om hem moverende redenen een sollicitatie naar die functie weer ingetrokken. Overigens ziet de vordering van [eiser] ook niet op tewerkstelling in een andere functie dan die van Controleur/buschauffeur. [eiser] heeft het bestaan van medische beperkingen die aan de uitoefening van de functie van buschauffeur in de weg staan ook op geen enkele wijze onderbouwd, terwijl Connexxion van haar kant onweersproken heeft aangevoerd dat zij met de door [eiser] gestelde beperkingen rekening voldoende heeft gehouden door [eiser] niet meer dan drie dagen achtereen in te roosteren en hem dan een dag vrij te geven.
8. Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen is naar het voorlopig oordeel van de kantonrechter niet aannemelijk geworden dat op Connexxion de verplichting is komen te rusten om [eiser] in een andere functie dan die van buschauffeur tewerk te stellen. Dit betekent dat de daartoe strekkende vordering van [eiser] dient te worden afgewezen.
[eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van het geiding.
Beslissing
De kantonrechter:
Rechtdoende in kort geding
wijst de vordering af;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van Connexxion begroot op € 500,00 wegens salaris;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Aldus gewezen door mr. P. Schulting, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 september 2007 in tegenwoordigheid van de griffier.
c 73