ECLI:NL:RBLEE:2007:BB5949
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewijsopdracht en ondertekening verzekeringsovereenkomst met onjuist ingevuld strafrechtelijk verleden
Eiser heeft op 18 december 2002 een aanvraagformulier voor een bedrijfsverzekering ondertekend, ingevuld door een medewerker van Rabobank, waarin onjuist werd ontkend dat eiser een strafrechtelijk verleden had. Later ontstond brandschade waarvoor eiser een claim indiende, maar verzekeraar Leeuwarder Onderlinge weigerde uit te keren wegens verzwijging op grond van artikel 251 Wetboek Pro van Koophandel.
Eiser vordert dat de rechtbank oordeelt dat Rabobank en/of Leeuwarder Onderlinge onrechtmatig hebben gehandeld door de verzekeringsovereenkomst te vernietigen en schadevergoeding te weigeren. Rabobank stelt dat eiser het formulier had kunnen lezen en dat ondertekening instemming betekent. Leeuwarder Onderlinge beroept zich terecht op vernietiging wegens onjuiste opgave.
De rechtbank oordeelt dat het ondertekende formulier dwingend bewijs oplevert, maar eiser mag tegenbewijs leveren dat de vraag naar zijn strafrechtelijk verleden niet aan hem is gesteld en dat hij het formulier direct na invullen heeft ondertekend zonder te lezen. De zaak wordt aangehouden voor bewijslevering, waarbij eiser getuigen kan oproepen en bewijsstukken kan overleggen. De verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank staat eiser toe tegenbewijs te leveren en houdt verdere beslissing aan tot bewijs is geleverd.