ECLI:NL:RBLEE:2007:BB6530
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing ontheffing Flora- en faunawet voor werkzaamheden Polderhoofdkanaal wegens ontbreken dwingende redenen van groot openbaar belang
De gemeente Opsterland heeft een ontheffing op grond van de Flora- en faunawet aangevraagd voor werkzaamheden aan het Polderhoofdkanaal, dat heropend moet worden voor recreatieve vaart. Verzoekers, waaronder de Fryske Feriening foar Fjildbiology, maakten bezwaar tegen deze ontheffing vanwege de mogelijke negatieve effecten op beschermde diersoorten zoals de gestreepte waterroofkever en de groene glazenmaker.
De voorzieningenrechter overweegt dat de ontheffing alleen kan worden verleend indien geen afbreuk wordt gedaan aan de gunstige staat van instandhouding van de soorten, er geen andere bevredigende oplossing bestaat en er dwingende redenen van groot openbaar belang zijn. Hoewel tijdelijke en permanente effecten op de beschermde soorten onomstreden zijn, acht de rechter de mitigerende maatregelen voorlopig voldoende.
Echter, de economische en werkgelegenheidseffecten die verweerder aanvoert als dwingende redenen van groot openbaar belang zijn onvoldoende onderbouwd. Rapporten zijn verouderd of betwist, en er ontbreekt overtuigend bewijs dat het belang van het project zwaarder weegt dan het belang van de beschermde soorten.
Daarom wordt de ontheffing geschorst tot twee weken na de beslissing op bezwaar. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekers.
Uitkomst: De ontheffing Flora- en faunawet voor werkzaamheden aan het Polderhoofdkanaal wordt geschorst wegens het ontbreken van dwingende redenen van groot openbaar belang.