ECLI:NL:RBLEE:2007:BG9241
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Exploitatie windturbine als onderneming en afschrijvingstermijn in inkomstenbelasting
Eiser exploiteert een agrarisch bedrijf en heeft een windturbine op zijn perceel laten plaatsen, die hij in 2000 heeft overgenomen van een energieleverancier. De vraag was of de exploitatie van de windturbine moet worden aangemerkt als winst uit onderneming of als inkomsten uit vermogen, en welke afschrijvingstermijn daarop van toepassing is.
De rechtbank stelt vast dat de exploitatie van de windturbine een onderneming is in de zin van artikel 6 Wet Pro IB 1964, gezien de omvang van de investering, de risico's, de arbeid die eiser verricht, en het contract met de energieleverancier. De ondergrond van de windturbine wordt als verplicht ondernemingsvermogen beschouwd.
Verder oordeelt de rechtbank dat de afschrijvingstermijn van 15 jaar, zoals door verweerder gehanteerd, passend is gezien de technische levensduur en verzekeringsvoorwaarden. Het beroep tegen de aanslag premie arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege gebrek aan belang.
De rechtbank verklaart het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting gegrond vanwege een onjuiste correctie van de afschrijving en vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van f. 86.740 (€ 39.360). Tevens worden proceskosten aan eiser toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen de premie arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen wordt niet-ontvankelijk verklaard, het beroep tegen de belastingaanslag wordt gegrond verklaard met een aangepaste afschrijvingstermijn van 15 jaar.