ECLI:NL:RBLEE:2008:BC7314
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.H. Severein
- K. Post
- M.J. Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor mensenhandel met minderjarige en uitbuiting in Nederland
De rechtbank Leeuwarden heeft op 20 maart 2008 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd verdacht van mensenhandel. De rechtbank oordeelde dat de Nederlandse rechter geen rechtsmacht had voor de feiten die in Duitsland en Italië zouden zijn gepleegd, omdat niet was vastgesteld dat verdachte een vaste woon- of verblijfplaats in Nederland had. Voor die feiten werd het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard.
Voor de feiten gepleegd in Nederland, namelijk het vervoeren en uitbuiten van een minderjarig meisje en het misbruiken van een kwetsbare vrouw in de prostitutie, achtte de rechtbank verdachte schuldig. Het minderjarige slachtoffer was in de periode van januari tot november 2007 van Duitsland naar Nederland gebracht met een vervalst identiteitsbewijs en was afhankelijk van verdachte.
De rechtbank benadrukte de ernst van mensenhandel als een moderne vorm van slavernij en een ernstige schending van het grondrecht op persoonlijke vrijheid. De straf werd gematigd tot 12 maanden gevangenisstraf, lager dan de gevorderde 24 maanden, mede omdat verdachte niet eerder was veroordeeld en de Nederlandse wet niet van toepassing was op de buitenlandse feiten.
Daarnaast werd de inbeslaggenomen mobiele telefoon aan verdachte teruggegeven. Verdachte werd vrijgesproken van overige ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf voor mensenhandel in Nederland; vervolging voor buitenlandse feiten niet-ontvankelijk verklaard.