ECLI:NL:RBLEE:2008:BC7363
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Exploitatie windturbine als afzonderlijke onderneming en onttrekking ondergrond aan agrarisch ondernemingsvermogen
Eiser exploiteert samen met zijn echtgenote en zoon een melkvee- en pluimveehouderij en participeert tevens in een gezamenlijke exploitatie van een windturbine. De Belastingdienst kwalificeerde de exploitatie van de windturbine als een afzonderlijke onderneming en nam het exploitatieresultaat en de boekwinst uit onttrekking van de ondergrond aan het agrarisch ondernemingsvermogen in de belastingaanslag op.
Eiser betwistte dit en stelde primair dat de windturbine niet als onderneming kan worden aangemerkt, subsidiair dat het onderdeel uitmaakt van de agrarische onderneming en dat een herinvesteringsreserve kan worden gevormd. De rechtbank oordeelde dat de exploitatie van de windturbine wel degelijk een zelfstandige onderneming is vanwege de omvang van de investering, het ondernemersrisico en de aard van de activiteiten.
Verder is onvoldoende samenhang tussen de windturbine en de agrarische onderneming aanwezig om ze als één onderneming te beschouwen. De onttrekking van de ondergrond aan het agrarisch ondernemingsvermogen leidt tot een boekwinst die niet kan worden gereserveerd in een herinvesteringsreserve, conform de wettelijke bepalingen en jurisprudentie.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de aanslag zoals vastgesteld door de Belastingdienst.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaaft de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2002.