ECLI:NL:RBLEE:2008:BD2229
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling schipper voor vernieling zomerhuisje en aanmerkelijk onvoorzichtig schipbesturen met levensgevaar
De verdachte, een schipper van een groot motorvrachtschip, is veroordeeld voor het vernielen van een zomerhuisje nadat hij in slaap was gevallen en het schip daardoor uit koers raakte en tegen de wal voer. Hoewel niemand lichamelijk letsel opliep, ontstond levensgevaar voor de personen in het zomerhuisje. Daarnaast werd hij veroordeeld voor meerdere overtredingen van de Wet vaartijden en bemanningssterkte binnenvaart en de Scheepvaartverkeerswet.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte onvoldoende rust had genomen voorafgaand aan het incident en daardoor aanmerkelijk onvoorzichtig handelde. De verdediging voerde aan dat sprake was van een onverklaarbare absence, maar dit werd verworpen. De schipper had de verplichtingen uit de vaartijdenwetgeving niet nageleefd, wat bijdroeg aan de onveilige situatie.
De rechtbank legde een werkstraf van 200 uur op, waarvan 100 uur voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en diverse geldboetes voor de overtredingen. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf werd niet opgelegd gezien de omstandigheden en het beroep van de verdachte. De rechtbank sprak verdachte vrij van het veroorzaken van gemeen gevaar voor goederen, omdat dit niet bewezen kon worden.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 200 uur werkstraf, waarvan 100 uur voorwaardelijk, en diverse geldboetes wegens vernieling met levensgevaar en overtredingen vaartijdenwet.