ECLI:NL:RBLEE:2008:BF8134
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging loonsanctie wegens onvoldoende re-integratieverplichtingen werkgever
Konstruktiewerken Berlikum BV (KWB) maakte bezwaar tegen een door het UWV opgelegde loonsanctie, waarbij de loondoorbetalingsperiode met 52 weken werd verlengd wegens vermeend onvoldoende re-integratie-inspanningen voor werknemer [X]. De werknemer was sinds 2005 arbeidsongeschikt door klachten aan de rechterhand en andere gezondheidsproblemen. KWB stelde dat het uitblijven van re-integratie niet aan haar lag, maar aan het ontbreken van benutbare arbeidsmogelijkheden bij de werknemer.
De rechtbank beoordeelde of KWB tekort was geschoten in haar re-integratieverplichtingen in de periode rond januari 2007. Uit de medische rapportages bleek dat de werknemer langdurig volledig arbeidsongeschikt was en dat er geen bevredigend resultaat was bereikt. De bedrijfsarts had aangegeven dat de werknemer nog niet arbeidsgeschikt was en dat het tweede spoor aangehouden kon worden. KWB had op basis van deze medische adviezen gehandeld en ook enige activiteiten op het tweede spoor ondernomen.
De rechtbank oordeelde dat KWB in redelijkheid niet kan worden verweten onvoldoende re-integratieactiviteiten te hebben verricht. Het UWV had onvoldoende duidelijk gemaakt dat er benutbare mogelijkheden waren voor arbeid. Ook het inzetten van het tweede spoor had niet tot resultaat geleid. Daarom was de loonsanctie onterecht en disproportioneel.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en herroept het primaire besluit van 8 juni 2007. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit. Verweerder (UWV) wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van KWB, maar het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot loonsanctie en herroept het primaire besluit, waarbij het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.