ECLI:NL:RBLEE:2008:BG0287
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tot opheffing conservatoir beslag op motorschip
In deze zaak heeft Goudberg q.q. conservatoir beslag gelegd op een motorschip type Sulver 14.50. [x] vordert in reconventie bij voorlopige voorziening de opheffing van dit beslag. De rechtbank beoordeelt of aan de voorwaarden van artikel 223 Rv Pro is voldaan, waaronder het spoedeisend belang.
[x] stelt dat hij de helft van het jaar op het schip verblijft en het schip nu niet kan gebruiken, wat volgens hem een spoedeisend belang vormt. De rechtbank oordeelt dat deze omstandigheden onvoldoende zijn om het spoedeisend belang aan te nemen. Daarnaast weegt het belang van Goudberg q.q. om het schip in de boedel te houden en verduistering te voorkomen zwaarder dan het gebruiksbelang van [x].
De rechtbank merkt op dat [x] gedurende het beslag het schip mag gebruiken en dat een bankgarantie van €140.000 is aangeboden, maar dat niet is gebleken dat dit bedrag de waarde van het schip dekt. Daarom wijst de rechtbank de voorlopige voorziening af en veroordeelt [x] in de proceskosten van €452. De zaak wordt verwezen naar een rolzitting voor verdere procedure en mogelijke schikking.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige voorziening tot opheffing van het conservatoir beslag af wegens ontbreken van spoedeisend belang.