ECLI:NL:RBLEE:2009:BG9642
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering nietigverklaring convenant beëindiging geregistreerd partnerschap wegens wilsgebrek of dwaling
Partijen waren gehuwd onder huwelijkse voorwaarden en hebben hun huwelijk omgezet in een geregistreerd partnerschap dat later werd beëindigd. Ter afwikkeling van de beëindiging sloten zij een convenant waarin onder meer afspraken zijn gemaakt over de verdeling van de woning, inboedel en financiële verplichtingen.
Eiseres vorderde vernietiging van het convenant wegens wilsgebrek en dwaling, stellende dat zij ten tijde van het sluiten van het convenant niet in staat was haar wil te bepalen. De rechtbank oordeelde dat haar stellingen ontoereikend waren en dat de vereiste feiten niet waren gesteld om het convenant te vernietigen. Ook het beroep op dwaling faalde, mede omdat vernietiging van een verdeling niet op de algemene dwalingsregeling kan worden gebaseerd.
Verder werd geoordeeld dat eiseres onvoldoende had onderbouwd dat zij financieel benadeeld was en dat een schuld aan haar broer niet was overgeslagen in de verdeling. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De vordering in reconventie behoefde geen behandeling omdat de voorwaarde niet was vervuld.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot nietigverklaring van het convenant af wegens onvoldoende onderbouwing van wilsgebrek of dwaling.