ECLI:NL:RBLEE:2009:BI9639
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geen recht op overdrachtsbelastingvrijstelling bij bedrijfsvoering met derden buiten familiekring
Eiser en zijn broer namen een melkveehouderij van hun ouders over en brachten deze per 1 januari 2001 in een maatschap met familieleden en derden buiten de familiekring in. Verweerder legde een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op wegens het ontbreken van recht op vrijstelling volgens artikel 15, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer.
De rechtbank stelde vast dat de bedrijfsvoering van de onderneming vanaf de verkrijging mede door personen buiten de voor de vrijstelling geldende familiekring werd voortgezet. Dit staat de toepassing van de vrijstelling in de weg. Het beroep van eiser op het Besluit van de staatssecretaris, dat het exploiteren van de onderneming in samenwerkingsverbanden toestaat, faalde omdat dit pas na de verkrijging had plaatsgevonden.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond voor zover de boete werd vernietigd en de naheffingsaanslag werd verminderd met een bedrag van € 1.906,-- vanwege een verkeerde toepassing van een andere vrijstelling. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het hoger beroep staat open.
Uitkomst: De naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wordt verminderd en de boetebeschikking vernietigd wegens voortzetting van de bedrijfsvoering mede door derden buiten de familiekring.