ECLI:NL:RBLEE:2009:BJ3108
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- E. de Witt
- F.F. van Emst
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening ligplaats passagiersschepen in haven Terschelling en doelmatig gebruik haven
De besloten vennootschap Eigen Veerdienst Terschelling B.V. (EVT) verzocht de gemeente Terschelling om vergunningen voor ligplaatsen in de haven van Terschelling voor haar passagiersschepen. Het college van burgemeester en wethouders weigerde vergunningen voor diverse plekken, waaronder plek 2 en plek 4, met als reden dat het doelmatig gebruik van de haven zich daartegen verzet. EVT maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze besluiten en tegen het niet tijdig beslissen op bezwaren.
De rechtbank oordeelt dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het doelmatig gebruik van de haven alleen kan worden bereikt door concentratie van verkeersstromen op plekken 2 en 3. Uit het dossier blijkt dat alternatieve plekken, met name plek 4, geschikt kunnen zijn voor het in- en ontschepen van passagiers mits EVT passende maatregelen neemt. De rechtbank vernietigt het besluit van 24 juni 2008 en beveelt het college een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt een voorlopige voorziening getroffen die EVT toestaat tijdelijk gebruik te maken van plek 4 voor in- en ontschepen.
Daarnaast verklaart de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen op bezwaar gegrond en stelt zij een termijn voor het college om alsnog te beslissen. Verzoek tot voorlopige voorziening betreffende het niet tijdig beslissen op bezwaar van 22 mei 2006 wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan connexiteit.
De rechtbank veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan EVT. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open voor de hoofdzaak, niet voor het verzoek tot voorlopige voorziening.
Uitkomst: Het college dient een nieuw besluit te nemen en verleent binnen twee weken een tijdelijke vergunning voor ligplaats op plek 4 aan EVT.