ECLI:NL:RBLEE:2009:BK2679

Rechtbank Leeuwarden

Datum uitspraak
5 november 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/2901
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:7 BWArt. 1:245 BWArt. 1:253i BWArt. 3 Besluit geslachtsnaamwijzigingArt. 6 Besluit geslachtsnaamwijziging
Verwijzingen
10 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot wijziging geslachtsnaam minderjarig kind zonder instemming andere gezagsouder

De moeder van een minderjarig kind verzocht om wijziging van de geslachtsnaam van haar zoon van de achternaam van de vader naar haar eigen achternaam. De Minister van Justitie wees dit verzoek af, waarna de moeder bezwaar maakte dat eveneens ongegrond werd verklaard. De moeder tekende beroep aan bij de rechtbank Leeuwarden.

De rechtbank stelde vast dat de ouders gezamenlijk het ouderlijk gezag uitoefenen over het kind. Op grond van het Burgerlijk Wetboek en het Besluit geslachtsnaamwijziging is voor een wijziging van de geslachtsnaam van een minderjarige toestemming van beide gezagsouders vereist. Omdat de moeder niet de enige gezagsouder is, kon het verzoek niet worden getoetst aan de wettelijke criteria voor geslachtsnaamswijziging.

De rechtbank overwoog dat de moeder eerst het gezag alleen moet verkrijgen om het verzoek te kunnen indienen. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde, ondanks dat eerder een wijziging van de geslachtsnaam van een ander kind had plaatsgevonden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.

Uitkomst: Het verzoek tot wijziging van de geslachtsnaam van het minderjarige kind zonder instemming van de andere gezagsouder wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK LEEUWARDEN
Sector bestuursrecht
procedurenummer: AWB 08/2901
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 november 2009 als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)
in het geding tussen
[eiseres],
wonende te [woonplaats],
eiseres,
en
de Minister van Justitie,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 27 juni 2008 heeft verweerder het verzoek van eiseres om de geslachtsnaam van haar zoon [A], geboren op [geboortedatum A], te wijzigen van [achternaam vader] in [achternaam eiseres] afgewezen. Bij besluit van 2 december 2008 heeft verweerder het daartegen door eiseres gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.
Tegen dit besluit heeft eiseres beroep aangetekend.
Met toepassing van artikel 8:26, eerste lid, van de Awb heeft de rechtbank de ex-echtgenoot van eiseres en de vader van [A], [de vader van A] (hierna: [de vader van A]) in de gelegenheid gesteld als partij aan het geding deel te nemen. Hij heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.
De zaak is behandeld ter zitting van de rechtbank, gehouden op 25 augustus 2009, waarbij eiseres en [A] zijn verschenen, vergezeld van [B], de huidige partner van eiseres. Verweerder is met kennisgeving niet verschenen.
Motivering
Beoordeling van het geschil
1.1 Artikel 1:7, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt dat de geslachtsnaam van een persoon op zijn of haar verzoek of op verzoek van zijn of haar wettelijk vertegenwoordiger kan worden gewijzigd. Ingevolge artikel 1:7, vijfde lid, van het BW worden bij algemene maatregel van bestuur regels gesteld betreffende de gronden waarop geslachtsnaamswijziging kan worden verleend. Dit betreft het Besluit geslachtsnaamwijziging (hierna: het Besluit).
1.2 Ingevolge artikel 1:245, eerste lid, van het BW, gelezen in samenhang met het tweede lid van dit artikel, staan minderjarigen onder ouderlijk gezag of voogdij.
Artikel 1:245, derde lid, van het BW bepaalt dat ouderlijk gezag door de ouders gezamenlijk of door één ouder wordt uitgeoefend. Ingevolge het vierde lid van dit artikel heeft het gezag betrekking op de persoon van de minderjarige, het bewind over zijn vermogen en zijn vertegenwoordiging in burgerlijke handelingen, zowel in als buiten rechte.
1.3 Ingevolge artikel 1:253i, eerste lid, van het BW voeren de ouders ingeval van gezamenlijke gezagsuitoefening gezamenlijk het bewind over het vermogen van het kind en vertegenwoordigen zij gezamenlijk het kind in burgerlijke handelingen, met dien verstande dat een ouder alleen, mits niet van bezwaren van de andere ouder is gebleken, hiertoe ook bevoegd is.
1.4 Artikel 3, eerste lid, aanhef en onder a, van het Besluit bepaalt dat op eensluidend verzoek van de wettelijke vertegenwoordiger en van degene wiens geslachtsnaam ten behoeve van de minderjarige wordt verzocht, of, indien de naam van een overleden ouder wordt verzocht, op verzoek van de wettelijke vertegenwoordiger, de geslachtsnaam van een minderjarige van twaalf jaren of ouder wordt gewijzigd in de geslachtsnaam van de ouder wiens naam het kind niet heeft, indien deze ouder na de ontbinding van het huwelijk of de verbreking van de buitenhuwelijkse samenleving met de andere ouder gedurende een aaneengesloten periode ten minste drie jaren onmiddellijk voorafgaande aan het verzoek de minderjarige heeft verzorgd en opgevoed. In artikel 3, vierde lid, van het Besluit is aangegeven in welke gevallen het verzoek om geslachtsnaamwijziging wordt afgewezen.
1.5 Ingevolge artikel 6 van Pro het Besluit kan een verzoek tot geslachtsnaamswijziging dat niet op de artikelen 1 tot en met 5 van het Besluit kan worden gebaseerd, worden ingewilligd, indien de verzoeker aantoont dat het achterwege blijven van de geslachtsnaamswijziging de lichamelijke of geestelijke gezondheid van de betrokkene in ernstige mate zou schaden.
1.6 Het huwelijk tussen eiseres en [de vader van A] is weliswaar in mei 1998 ontbonden, maar vast staat dat zij (nog steeds) gezamenlijk zijn belast met het ouderlijke gezag over [A]. Dit betekent dat het eiseres niet vrij staat om namens [A], met passeren van [de vader van A], te verzoeken om geslachtsnaamwijziging. Dit brengt mee dat het verzoek niet getoetst kan worden aan het Besluit. Ook kan dus niet aan de orde komen of het verzoek met toepassing van de in artikel 6 van Pro het Besluit neergelegde hardheidsclausule ingewilligd kan worden. Om het verzoek te kunnen beoordelen, dient eiseres er voor te zorgen dat alleen zij belast wordt met het gezag. De rechtbank stelt vast dat eiseres hierop al meerdere malen is gewezen, onder meer tijdens de hoorzitting op 19 september 2008.
1.7 Bij besluit van 29 mei 2006 is de geslachtsnaam van de andere zoon van eiseres en [de vader van A], [C], geboren op [geboortedatum C], gewijzigd van [achternaam vader] in [achternaam eiseres]. Het is denkbaar dat dit besluit is genomen in strijd met de hiervoor aangehaalde bepalingen uit het BW en het Besluit, aangezien eiseres en [de vader van A] ten tijde van deze beslissing het gezamenlijke gezag uitoefenden over [C]. Wat hier ook van zij, het gelijkheidsbeginsel strekt niet zover dat verweerder een eerder gemaakte fout zou moeten herhalen (vgl. www.rechtspraak.nl, LJN: BI0405). Het beroep van eiseres op het gelijkheidsbeginsel faalt derhalve.
1.8 Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Aldus gegeven door mr. E. de Witt, rechter, in tegenwoordigheid van mr. J.R. Leegsma als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 5 november 2009.
w.g. E. de Witt
w.g. J.R. Leegsma
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat voor partijen hoger beroep open. Gelijke bevoegdheid komt toe aan andere belanghebbenden, zulks behoudens het bepaalde in art. 6:13 juncto Pro 6:24 Awb.
Indien u daarvan gebruik wenst te maken dient u binnen zes weken na de dag van verzending van de uitspraak een brief (beroepschrift) alsmede een afschrift van deze uitspraak te zenden aan:
de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Postbus 20019
2500 EA Den Haag
In het beroepschrift vermeldt u waarom u de uitspraak niet juist vindt.