ECLI:NL:RBLEE:2010:BL0229
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens onrechtmatige daad en ongerechtvaardigde verrijking in relatie tot frauduleuze betalingen
Eiseres, de voormalige levenspartner van wijlen A., vordert van gedaagde vergoeding van €139.297,00 wegens vermeend misbruik van gelden die door B. frauduleus van haar verkregen zouden zijn. B. was vertrouwensman van eiseres en werd strafrechtelijk veroordeeld voor oplichting en verduistering, waarbij gelden van eiseres betrokken waren. Gedaagde had een affectieve relatie met B. en ontving betalingen en cadeaus, waaronder een Audi en een Patek horloge.
Eiseres stelt dat gedaagde kennis had van de frauduleuze herkomst van de gelden en daardoor onrechtmatig handelde en ongerechtvaardigd verrijkt is. Gedaagde betwist dit en voert aan dat betalingen voortvloeiden uit een schuldverhouding en dat hij te goeder trouw was. De rechtbank overweegt dat het enkele feit van samenwonen niet voldoende is om kennis van frauduleus handelen aan te nemen. Bovendien is vastgesteld dat B. ook andere inkomsten had.
De rechtbank concludeert dat eiseres onvoldoende heeft gesteld om te bewijzen dat gedaagde wist of behoorde te weten dat de gelden frauduleus waren verkregen. Ook is niet komen vast te staan dat de verrijking van gedaagde ongerechtvaardigd was, mede gelet op een schuldbekentenis van B. aan gedaagde. De vordering wordt daarom afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van eiseres wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van onrechtmatig handelen en ongerechtvaardigde verrijking door gedaagde.