ECLI:NL:RBLEE:2010:BL5440
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling wijziging summiere tenlastelegging bij vervallen verdenking skimmen
In deze strafzaak bij de rechtbank Leeuwarden stond de vraag centraal of de officier van justitie de summiere tenlastelegging mocht wijzigen door de verdenking van skimmen volledig te laten vervallen. De raadsman van verdachte verzette zich hiertegen en stelde dat dit de belangen van verdachte schaadde.
De rechtbank overwoog dat artikel 314a van het Wetboek van Strafvordering de mogelijkheid biedt om de summiere tenlastelegging aan te passen, mits deze wijziging betrekking heeft op hetzelfde feitencomplex als de oorspronkelijke tenlastelegging. Tevens is het niet toegestaan om feiten toe te voegen die buiten dit kader vallen.
De rechtbank stelde vast dat de gewijzigde tenlastelegging aan deze eisen voldeed en dat het weglaten van de verdenking van skimmen gerechtvaardigd was omdat deze verdenking was vervallen. Dit sluit aan bij de beginselen van een behoorlijke procesorde en het recht op een eerlijk proces, omdat het niet redelijk zou zijn verdachte te vervolgen voor feiten waarvoor geen verdenking meer bestaat.
De vordering van de officier van justitie tot nadere omschrijving van de tenlastelegging werd dan ook toegewezen en het verweer van verdachte verworpen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot wijziging van de summiere tenlastelegging toe en verwerpt het verweer van verdachte.