ECLI:NL:RBLEE:2010:BM2110
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering overname achterstallige vakantiedagen door UWV na faillissement werkgever
Eiser verzocht UWV om de achterstallige betalingsverplichting van zijn failliete werkgever over te nemen, bestaande uit niet genoten vakantiedagen. UWV kende een uitkering toe, maar weigerde vergoeding voor 16 niet opgenomen vakantiedagen. Eiser stelde dat hij niet had ingestemd met het opnemen van vakantiedagen en dat de werkgever hem daartoe niet bevoegd was.
De rechtbank overwoog dat eiser overtuigend had bestreden dat hij had ingestemd met het opnemen van vakantiedagen. De werkgever had deze eenzijdig vastgesteld in haar administratie. Volgens de rechtbank kon UWV echter aannemen dat de werkgever rechtmatig eenzijdig vakantie kon vaststellen vanwege gewichtige redenen, waaronder het naderende einde van het dienstverband en het faillissement.
De rechtbank concludeerde dat UWV terecht had geweigerd de aanspraak op niet-genoten vakantiedagen over te nemen en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de weigering van UWV om de achterstallige vakantiedagen over te nemen is ongegrond verklaard.