ECLI:NL:RBLEE:2010:BN0391
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening
- C.H. de Groot
- J. Dijkstra
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tot toegang maatschappelijke opvang voor uitgeprocedeerd gezin zonder rechtmatig verblijf
Verzoekster en haar zoontje verblijven niet rechtmatig in Nederland en hebben een aanvraag gedaan voor maatschappelijke opvang op grond van de Wmo, welke is afgewezen omdat zij niet voldoen aan de vereisten van rechtmatig verblijf volgens de Vreemdelingenwet 2000.
Verzoekster voert aan dat het dakloos maken van kinderen strijd oplevert met de menselijke waardigheid en beroept zich op artikel 8 EVRM Pro, dat het recht op respect voor privé- en gezinsleven beschermt, vooral voor kwetsbare personen zoals haar zoontje van nog geen acht maanden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat hoewel de Wmo en Vreemdelingenwet 2000 de toegang tot voorzieningen beperken tot rechtmatig verblijvende vreemdelingen, de bijzondere omstandigheden van het zuigelingkind en het feit dat verzoekster meewerkt aan uitzetting een voorlopige voorziening rechtvaardigen.
Het besluit tot weigering wordt geschorst en verweerder wordt opgedragen het gezin toe te laten tot maatschappelijke opvang totdat het bezwaar is behandeld. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak benadrukt de noodzaak van een fair balance tussen publieke belangen en de bescherming van kwetsbare personen onder het EVRM.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en het gezin wordt toegelaten tot maatschappelijke opvang.