ECLI:NL:RBLEE:2010:BN2985
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrondverklaring beroepen tegen bouwvergunning en vrijstellingen voor appartementencomplex in Harlingen
De rechtbank Leeuwarden behandelde vier samengevoegde beroepen tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Harlingen om vrijstellingen en een reguliere bouwvergunning te verlenen voor de bouw van een appartementencomplex met parkeerkelder aan de Havenweg te Harlingen.
De kern van het geschil betrof de toepassing van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) en de vraag of het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan, met name vanwege overschrijding van bouwhoogte, bouwvlak en bebouwingspercentage. Het college had op grond van de WRO vrijstellingen verleend. De eisers voerden onder meer aan dat het bouwplan het straat- en bebouwingsbeeld onevenredig zou verstoren, dat er onvoldoende ruimtelijke onderbouwing was, en dat het project grenst aan een beschermd stadsgezicht.
De rechtbank oordeelde dat de aanvraag tijdig was ingediend en dat de WRO op de vrijstellingen van toepassing was. De overschrijdingen van bouwhoogte en bouwvlak waren volgens de rechtbank passend binnen de omgeving en het straatbeeld werd niet onevenredig verstoord. De ruimtelijke onderbouwing was voldoende en de belangenafweging door het college was zorgvuldig en redelijk. De beroepen werden daarom ongegrond verklaard.
De rechtbank wees ook de argumenten af dat de samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente en de vergunninghouder het verlenen van vrijstellingen in de weg zou staan en dat het vertrouwensbeginsel was geschonden. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open.
Uitkomst: De beroepen tegen het besluit tot verlening van vrijstellingen en bouwvergunning worden ongegrond verklaard.