ECLI:NL:RBLEE:2010:BO4250
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid verzoek omgangsregeling wegens ontbreken nauwe persoonlijke betrekking
De man en vrouw hadden een knipperlichtrelatie die was beëindigd voordat hun kind [X] werd verwekt. De man betwijfelde zijn vaderschap en toonde weinig betrokkenheid bij de zwangerschap en geboorte. Hoewel er sms-contact was en enkele bezoeken, kon de man niet aannemelijk maken dat er een nauwe persoonlijke betrekking bestond met [X].
Getuigenverklaringen en bewijs, waaronder fotoseries en sms-berichten, werden onderzocht. De verklaringen toonden aan dat het contact beperkt en moeizaam was, en dat de man pas vanaf december 2007 enige interesse toonde. Regelmatig en intensief contact ontbrak, en de man kon weinig vertellen over belangrijke gebeurtenissen in het leven van het kind.
De rechtbank oordeelde dat ondanks de wens van de man om contact te hebben, dit geen wettelijke grond geeft voor een omgangsregeling. Het verzoek werd daarom niet-ontvankelijk verklaard. Daarnaast werd het verzoek om omgang met het jongere kind [Y] eveneens afgewezen vanwege dezelfde redenen.
Uitkomst: Verzoek tot vaststelling omgangsregeling niet-ontvankelijk wegens ontbreken nauwe persoonlijke betrekking.