ECLI:NL:RBLEE:2011:BQ1593
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor moord met voorbedachten rade op jonge vrouw in park
Op 21 juni 2010 werd het levenloze lichaam van een jonge vrouw aangetroffen in een dicht begroeid bosschage in een park. Verdachte heeft bekend haar met een moker meerdere malen op het hoofd te hebben geslagen, wat leidde tot haar overlijden. De rechtbank stelde vast dat verdachte voorafgaand aan het delict de moker in een rugzak had meegenomen en het slachtoffer met een smoes over een vogelnest naar de plek lokte.
De verdediging voerde aan dat er geen sprake was van voorbedachten rade, omdat verdachte handelde uit een plotselinge opwelling en zijn eerdere verklaringen onbetrouwbaar waren. De rechtbank verwierp dit verweer en oordeelde dat verdachte voldoende gelegenheid had om na te denken over zijn daad, mede gelet op het tijdsverloop bij het pakken van de moker en de voorbereidingen.
Forensisch onderzoek toonde meerdere letsels aan het hoofd van het slachtoffer, passend bij meerdere slagen met een zwaar voorwerp. DNA-sporen van verdachte werden op het lichaam aangetroffen. Verdachte heeft na de daad seksuele handelingen met het stoffelijk overschot verricht, wat de ernst van het feit versterkt.
De rechtbank achtte het motief onduidelijk maar stelde vast dat dit de bewezenverklaring van moord met voorbedachten rade niet in de weg stond. Gezien de ernst van het feit en de omstandigheden legde de rechtbank een gevangenisstraf van 20 jaar op, met aftrek van de tijd in voorlopige hechtenis. De gevorderde TBS-maatregel werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Tevens werd een schadevergoeding van €7.337,44 aan de benadeelde partij toegewezen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf voor moord met voorbedachten rade en moet schadevergoeding betalen.