ECLI:NL:RBLEE:2011:BQ5271
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.F. Germs-de Goede
- M.J. Tijnagel
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag omzetbelasting en boete wegens niet-toepassing kasstelsel
Eiseres exploiteerde tot 1 oktober 2003 een kartcenter met horecagelegenheid en paste het kasstelsel toe. Vanaf die datum verhuurde zij het kartcenter aan een andere ondernemer en startte een nieuwe activiteit. In december 2003 verkocht eiseres een machine en bracht zij omzetbelasting in rekening, maar gaf deze niet aan. De Belastingdienst legde een naheffingsaanslag van €104.500 op, inclusief een boete van 25% wegens grove schuld.
Eiseres voerde aan dat het kasstelsel ook na 1 oktober 2003 van toepassing was en dat zij zich mocht beroepen op het vertrouwensbeginsel vanwege mededelingen van ambtenaren. De rechtbank oordeelde dat eiseres niet voldeed aan de voorwaarden voor het kasstelsel en dat het factuurstelsel van toepassing was. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde wegens onvoldoende bewijs van een bewuste en weloverwogen standpuntbepaling door de inspecteur.
De rechtbank stelde vast dat eiseres grove schuld had omdat zij redelijkerwijs had moeten weten dat de omzetbelasting aangegeven en betaald moest worden. Het standpunt van eiseres was niet pleitbaar en haar feitelijke handelwijze strookte niet met haar stelling. De boete werd passend geacht, maar wegens overschrijding van de redelijke termijn met ruim twee jaar werd de boete met 10% gematigd tot €23.512. Het beroep tegen de boete werd gegrond verklaard, het beroep tegen de naheffingsaanslag ongegrond. De rechtbank veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De naheffingsaanslag is terecht opgelegd, de boete wegens grove schuld is passend maar verminderd tot €23.512 wegens overschrijding van de redelijke termijn.