ECLI:NL:RBLEE:2011:BR4290
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag statutair bestuurder en loonvordering bij overgang onderneming
De zaak betreft een geschil tussen een statutair bestuurder, tevens werknemer, en zijn werkgever Boxes LPF over de rechtsgeldigheid van zijn ontslag en de betaling van loon na 31 mei 2011.
De bestuurder werd op 30 mei 2011 ontslagen door aandeelhoudersbesluiten, maar betwistte zijn statutair bestuurderschap en stelde dat de arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig was beëindigd vanwege het ontbreken van toestemming ex artikel 6 BBA Pro en opzegverboden wegens arbeidsongeschiktheid en overgang van onderneming. De werkgever stelde dat de bestuurder rechtsgeldig was benoemd en ontslagen en dat de opzegverboden niet van toepassing waren.
De kantonrechter oordeelde dat de bestuurder statutair directeur was, dat het ontslagbesluit rechtsgeldig was genomen, maar dat het opzegverbod wegens overgang van onderneming van toepassing was. Hierdoor bleef de arbeidsovereenkomst bestaan en had de bestuurder recht op loonbetaling vanaf 31 mei 2011. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van het salaris, wettelijke verhoging en rente, en om de bestuurder in de gelegenheid te stellen zijn werkzaamheden te hervatten.
De vordering tot het opleggen van een dwangsom werd toegewezen met een maximum van €30.000,-. De kosten van de procedure werden aan de werkgever opgelegd. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst blijft bestaan vanwege het opzegverbod bij overgang van onderneming en de werkgever moet het salaris betalen en de werkzaamheden laten hervatten.