ECLI:NL:RBLEE:2011:BV3806
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg en nakoming bruikleenovereenkomst tap- en koelapparatuur tussen Heineken en ondernemer
Heineken Nederland B.V. en [X] c.s. sloten in 2001 een bruikleenovereenkomst voor tap- en koelapparatuur. Na opzegging van de overeenkomst in 2009 ontstond een geschil over de vergoeding voor de apparatuur die bij [X] c.s. aanwezig was. Heineken vorderde betaling van een bedrag van €7.176,98 plus rente en incassokosten.
De rechtbank overwoog dat Heineken op grond van de bruikleenovereenkomst mocht kiezen tussen het terugnemen van de apparatuur of vergoeding van de waarde daarvan. De stelling van [X] c.s. dat Heineken na terugname van een deel van de apparatuur geen aanspraak meer kon maken op vergoeding van de rest, werd verworpen. De rechtbank stelde vast dat Heineken onvoldoende had onderbouwd hoe de gevorderde vergoeding was berekend en dat de waarde van de apparatuur hooguit €1.000 bedroeg.
Verder oordeelde de rechtbank dat de algemene voorwaarden van Heineken, waaronder een contractuele rente van 12%, van toepassing waren, omdat [X] c.s. de bruikleenovereenkomst had erkend. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen omdat deze niet voldoende waren gespecificeerd en niet verder gingen dan gebruikelijke aanmaningen.
De rechtbank veroordeelde [X] c.s. tot betaling van €1.000 vermeerderd met contractuele rente vanaf 3 september 2009 en tot vergoeding van de proceskosten aan Heineken. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt [X] c.s. tot betaling van €1.000 met contractuele rente en vergoeding van proceskosten, wijst incassokosten af.