ECLI:NL:RBLEE:2012:BV1285
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Heffing veergeld inzittenden veerpont zonder wettelijke grondslag niet toegestaan
Eiser maakte in het derde kwartaal van 2010 gebruik van de veerpont De Burd en ontving een aanslag veergeld van €313,40, waarvan €56,90 betrekking had op inzittenden die hij meenam in zijn auto. De gemeente had dit bedrag gebaseerd op een verordening die geen specifiek tarief voor inzittenden vermeldt.
Eiser voerde aan dat de heffing van veergeld voor inzittenden niet is toegestaan omdat de verordening niet voldoet aan artikel 217 van Pro de Gemeentewet, dat vereist dat een belastingverordening duidelijkheid verschaft over belastingplichtigen en tarieven. Verweerder stelde dat inzittenden onder het laagste tarief vallen en dat de aanslag terecht is opgelegd.
De rechtbank oordeelde dat de verordening geen duidelijke wettelijke grondslag biedt voor heffing van veergeld voor inzittenden en dat eiser niet als belastingplichtige voor deze inzittenden kan worden aangemerkt. De aanslag werd daarom verminderd met €56,90 en het beroep gegrond verklaard. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De aanslag veergeld voor inzittenden wordt vernietigd en verminderd met €56,90 wegens ontbreken wettelijke grondslag.