ECLI:NL:RBLEE:2012:BY2131
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over aanslag vennootschapsbelasting 2005 en toepassing artikel 8:42 Awb
Eiseres maakte bezwaar tegen de aanslag vennootschapsbelasting (Vpb) 2005 en heffingsrente, waarna zij beroep instelde tegen het uitblijven van een beslissing op bezwaar. De rechtbank constateerde dat verweerder de beslistermijn had overschreden en verklaarde het beroep gegrond. De rechtbank besloot zelf in de zaak te voorzien en oordeelde dat de door verweerder verkregen informatie van de Cypriotische autoriteiten niet tot de op de zaak betrekking hebbende stukken in de zin van artikel 8:42 Awb Pro behoorde, waardoor een verzoek om geheimhouding werd afgewezen.
De rechtbank verwierp het beroep op het Sopropé-arrest omdat de aanslag niet binnen de werkingssfeer van het gemeenschapsrecht valt. De motiveringsplicht was volgens de rechtbank voldoende nageleefd. De rechtbank oordeelde dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de correcties op de voorziening dubieuze debiteuren, de afboeking van een lening en overige bedrijfskosten onterecht waren, waardoor de aanslag grotendeels terecht was opgelegd. Wel werd een correctie van € 1.020 op overige bedrijfskosten geaccepteerd.
De rechtbank veroordeelde verweerder in de proceskosten van eiseres en heropende het onderzoek voor een nadere uitspraak over immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn. De uitspraak kan binnen zes weken worden aangevochten bij het gerechtshof Leeuwarden.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard, aanslag vennootschapsbelasting 2005 verminderd en proceskosten toegewezen.