Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De stukken
- de vordering van de officier van justitie d.d. 30 mei 2013, strekkende tot verlenging van de termijn van de terbeschikkingstelling van [betrokkene] met één jaar;
- het door psychiater drs. M.J. van Weers opgestelde Psychiatrisch Adviesrapport Pro Justitia betreffende [betrokkene] d.d. 25 mei 2013;
- de Voortgangsverslagen ‘TBS voorwaardelijke beëindiging verpleging van overheidswege’ van Mondriaan Justitiële Verslavingszorg Limburg met betrekking tot [betrokkene] d.d. 14 maart 2013, 20 mei 2013 en 7 november 2013;
- het Reclasseringsadvies ‘Verlenging TBS voorwaardelijke beëindiging van de verpleging’ van Mondriaan Justitiële Verslavingszorg Limburg met betrekking tot [betrokkene] d.d. 19 juni 2013;
- het arrest van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch d.d. 22 juni 2006 met (ressorts)parketnummer 20.000103.06 waarbij aan [betrokkene] de maatregel van terbeschikkingstelling is opgelegd;
- de beslissing van de rechtbank Maastricht d.d. 23 juli 2012 waarbij de termijn van de terbeschikkingstelling met één jaar is verlengd en de beslissing omtrent de verlenging van het bevel tot verpleging voor ten hoogste drie maanden, onder gelijktijdige verlenging ervan, werd aangehouden;
- de beslissing van de rechtbank Maastricht d.d. 10 september 2012 waarbij de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege met ingang van 23 oktober 2012 is bevolen.