Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.Het onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
- op het moment dat nog slechts sprake was van een anonieme melding, onvoldoende verdenking bestond om een nader onderzoek in te stellen;
- op het moment dat de verbalisant bij de woning van verdachte aanbelde en verdachte de deur opende, de verbalisant iets gezegd moet hebben waarvan verdachte zodanig onder de indruk raakte dat hij heeft gemeend niet anders te kunnen dan in te stemmen met het binnentreden en een doorzoeking;
- de verbalisant pas hennep heeft geroken toen hij in de woning was.
- verdachte slechts de 100 planten op zolder heeft geteeld en met de planten in de kelder niets van doen heeft gehad;
- verdachte niet weet wie verantwoordelijk is geweest voor de stroomaansluiting en dat de niet te verwaarlozen kans bestaat dat de illegale stroomaansluiting door een ander dan verdachte is aangelegd ten behoeve van de plantage in de kelder.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en de kwalificatie
5.De strafbaarheid van verdachte
6.De oplegging van straf
- het vonnis van de rechtbank Limburg d.d. 27 maart 2013 (parketnummer 03/830032-13) waarbij verdachte voor de teelt van 715 hennepplanten en diefstal van elektriciteit is veroordeeld tot een taakstraf van 130 uren en een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken;
- het feit dat verdachte slechts 100 hennepplanten heeft gekweekt en niets van doen heeft gehad met de hennepplanten in de kelder;
- het feit dat de eigenaar van het pand in overwegende mate schuldig dient te worden bevonden aan het manipuleren van de stroomtoevoer;
- het feit dat de diefstal van stroom slechts betrekking had op 100 hennepplanten.
- In de onderhavige zaak werd de hennepplantage aangetroffen op 18 mei 2012 en werd verdachte op dezelfde dag aangehouden.
- In de zaak met parketnummer 03/830032-13 ging het om hennepteelt gepleegd op 22 november 2012 en diefstal van elektriciteit in de periode van 1 augustus 2012 tot en met 22 november 2012.
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4.2 is omschreven;
- verklaart verdachte strafbaar;
een gevangenisstraf van 6 weken.