Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 juli 2013 in de zaak tussen
[eisers], te [woonplaats], eisers,
de heffingsambtenaar van de gemeente Nederweert, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
“De handelingen in verband met de uitgifte van een identiteitskaart blijven kosten met zich brengen. Alle kosten die niet op een aanvragende burger kunnen worden verhaald, komen ten laste van andere burgers. Daarmee wordt de beoogde rechtvaardige verdeling van de kosten – de aanvrager betaalt – aangetast”.Dat de formulering in artikel 1 van Pro de Reparatiewet het heeft over de handelingen ten behoeve van de aanvraag maakt, ook al verdient deze formulering wellicht niet de schoonheidsprijs zoals voor die gehele wet geldt, niet dat daarmee voorbij gegaan kan worden aan de hiervoor geformuleerde uitdrukkelijke bedoeling van de wetgever om meer kosten in rekening te brengen bij de aanvrager dan enkel die ten behoeve van het in behandeling nemen. Verweerder heeft de leges voor jaar 2011 onderbouwd door middel van het overzicht “bijlage 23: Cijfers legesopbrengsten en gerelateerde kosten” onderbouwd dat de kostendekkendheid minder dan 100% is. De rechtbank ziet, mede nu eisers dit overzicht ook niet gemotiveerd hebben bestreden, geen aanleiding aan de juistheid van dat overzicht te twijfelen. Vervolgens blijkt uit die bijlage 23 dat de raming van de gemeentelijke leges voor reisdocumenten in 2011 € 84.023 bedraagt en de kosten € 146.935,= en het negatieve saldo derhalve € 62.912 bedraagt. Reeds om deze reden slaagt de grief van eisers in dit verband niet.
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 11 juli 2013.