Eiseres was werkzaam in een dubbelfunctie die door organisatorische veranderingen bij de Universiteit Maastricht is opgeheven. Na tijdelijke aanstelling als relatiemanager is haar ontslag verleend wegens opheffing van deze functie. Verweerder voerde aan dat ook de dubbelfunctie formeel en feitelijk was vervallen en dat herplaatsing niet mogelijk was gebleken.
Eiseres betoogde dat de dubbelfunctie niet formeel was opgeheven en dat zij recht had op terugkeer, en dat verweerder onvoldoende inspanningen had verricht voor herplaatsing. Tevens stelde zij dat het ontslagverbod tijdens ziekte was geschonden en dat haar resterende verlofdagen niet waren uitbetaald.
De rechtbank oordeelde dat de functie door integratie in de Universiteitsbibliotheek feitelijk was opgeheven en dat eiseres hiervan op de hoogte was. Het herplaatsingsonderzoek was adequaat uitgevoerd en het ontslagverbod tijdens ziekte was niet geschonden omdat het voornemen tot ontslag al voor de ziekteperiode was kenbaar gemaakt. Ook was eiseres in de gelegenheid gesteld haar verlof op te nemen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Centrale Raad van Beroep.