ECLI:NL:RBLIM:2013:BZ2033
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- L.M.J.A. barones van Hövell tot Westerflier Dassen
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige blokkering van bijstandsuitkering in strijd met beginselen behoorlijk bestuur
Verzoekster ontving een bijstandsuitkering op grond van de WWB. Na een huisbezoek en het niet nakomen van verplichtingen werd haar uitkering op 6 december 2012 opgeschort. Verweerder besloot later de opschorting op te heffen maar stelde de uitkering niet betaalbaar vanwege een lopend onderzoek van de Sociale Recherche, waarbij de uitkering werd geblokkeerd met terugwerkende kracht vanaf 12 november 2012.
De rechtbank oordeelt dat het gebruik van blokkering als middel in deze situatie niet geoorloofd is. De opschortingstermijn was wettelijk beperkt tot acht weken en was inmiddels verstreken. De blokkering werd ingezet om de effecten van een onhoudbaar opschortingsbesluit alsnog te realiseren, wat in strijd is met het verbod op détournement de pouvoir en de beginselen van behoorlijk bestuur.
Daarnaast werd vastgesteld dat verzoekster gedurende bijna drie maanden geen rechtsmiddelen kon aanwenden tegen het feitelijk niet ontvangen van haar uitkering en geen mogelijkheid had tot een nieuwe aanvraag zolang de blokkering voortduurde. Dit is in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel, temeer daar het om een uitkering ter dekking van de kosten van het bestaan gaat.
De rechtbank schorst daarom het besluit tot blokkering en beveelt onmiddellijke opheffing van de blokkering met hervatting van de uitbetaling. Tevens veroordeelt zij verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank schorst de blokkering van de bijstandsuitkering en beveelt onmiddellijke hervatting van de uitbetaling.