Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBLIM:2013:BZ2436

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
26 februari 2013
Publicatiedatum
8 april 2013
Zaaknummer
362727 \ EZ 13-4
Instantie
Rechtbank Limburg
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:209 lid 1 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing van de vereffening van de nalatenschap van Henricus Gerardus Johannes Joseph Fabus

Op 22 september 2012 overleed de heer Henricus Gerardus Johannes Joseph Fabus, laatst woonachtig te Melick. De nalatenschap werd aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving door de erfgenamen, waaronder de verzoeker en twee andere erfgenamen.

De baten van de nalatenschap bedroegen €858,50, terwijl de schulden €13.398,35 bedroegen. Gezien de geringe waarde van de baten en het ontbreken van feiten of omstandigheden die zich tegen de opheffing verzetten, verzocht de verzoeker de kantonrechter om de vereffening van de nalatenschap op te heffen.

Tijdens de zitting op 19 februari 2013 verschenen de erfgenamen niet, waardoor het verzoek geacht werd gehandhaafd te worden en geen bezwaar werd gemaakt tegen de opheffing. De kantonrechter besloot daarop de opheffing van de vereffening te bevelen en zorg te dragen voor inschrijving in het boedelregister. De beslissing werd bekendgemaakt via rechtspraak.nl, waardoor de wettelijke publicatieplicht werd opgeheven.

Uitkomst: De kantonrechter beveelt de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van de heer Fabus.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Roermond
Burgerlijk recht
Zaaknummer: 362727 \ EZ VERZ 13-4
Beschikking erfrecht van de kantonrechter te Roermond d.d. 26 februari 2013.
Op 10 januari 2013 is ter griffie van de rechtbank Limburg, burgerlijk recht / kanton, locatie Roermond, ingekomen een verzoekschrift met bijlagen, ingediend door de heer [verzoeker], wonende te [woonplaats], [adres].
Op 22 september 2012 is in Haelen overleden de heer Henricus Gerardus Johannes Joseph Fabus, geboren te Maastricht op 1 april 1969. Het laatste woonadres van de overledene was Dorpsstraat 61a, 6074 GB Melick.
Erflater heeft als erfgenamen achtergelaten verzoeker alsmede de heer [erfgenaam 1] en mevrouw [erfgenaam 2], beiden wonende te [woonplaats], [land], [adres]. De erfgenamen hebben de nalatenschap van erflater aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving.
Verzoeker vraagt de kantonrechter om ingevolge het bepaalde in artikel 4:209 lid 1 BW Pro de opheffing van de vereffening van de nalatenschap te bevelen.
Bij brief van de griffier d.d. 31 januari 2013 zijn verzoeker en de overige erfgenamen opgeroepen om te verschijnen ter terechtzitting van 19 februari 2013 om 9.30 uur.
Er is niemand verschenen, zodat verzoeker geacht wordt zijn verzoek te handhaven en de overige erfgenamen geacht worden geen bezwaar te hebben tegen inwilliging van het verzoek.
De kantonrechter overweegt het volgende.
Aan het verzoekschrift is een boedelbeschrijving gehecht. Hieruit blijkt dat de baten € 858,50 bedragen en de schulden € 13.398,35.
Nu de geringe waarde der baten daartoe aanleiding geeft en verder niet is gebleken van feiten of omstandigheden die zich tegen inwilliging van het verzoek verzetten, zal de kantonrechter de opheffing van de vereffening bevelen.
De griffier zal zorg dragen voor inschrijving van deze beslissing in het boedelregister.
De griffier zal de beslissing daarnaast bekend maken door plaatsing op www.rechtspraak.nl/uitspraken. Verzoeker zal daarom worden ontheven van de wettelijke publicatieplicht.
Beschikkende
Beveelt de opheffing van de vereffening van de nalatenschap van de heer Henricus Gerardus Johannes Joseph Fabus voornoemd.
Verstaat dat deze beslissing bekend gemaakt zal worden door plaatsing door de griffier op www.rechtspraak.nl/uitspraken.
Wijst - voor zoveel nodig - het meer of anders verzochte af.
Aldus gegeven door mr. G.M.P. Brouns, kantonrechter, en ter openbare terechtzitting van 26 februari 2013 uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.