ECLI:NL:RBLIM:2013:BZ2861
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling ondanks falen bureau jeugdzorg vanwege bedreigde ontwikkeling minderjarige
De zaak betreft een verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige die ernstig wordt bedreigd in haar ontwikkeling door de voortdurende strijd tussen haar ouders, die beiden het gezag hebben. De ouders zijn het niet eens over de hulpverlening; de moeder is akkoord met verlenging maar kritisch over bureau jeugdzorg, terwijl de vader afwijzing vraagt en zelf hulp wil inschakelen. Bureau jeugdzorg heeft volgens de kinderrechter gefaald door niet adequaat in te grijpen en het wisselen van verblijfplaatsen toe te laten, wat de situatie van de minderjarige heeft verslechterd.
De kinderrechter oordeelt dat ondanks het falen van bureau jeugdzorg, het belang van de minderjarige het best wordt gediend met verlenging van de ondertoezichtstelling. De strijd tussen de ouders is de belangrijkste oorzaak van de bedreigde ontwikkeling, en zonder ondertoezichtstelling zal de noodzakelijke hulp uitblijven. De vader heeft aangekondigd bij beëindiging van de ondertoezichtstelling een verzoek tot gezagswijziging te zullen indienen, wat het belang van het kind niet ten goede komt.
De kinderrechter verlengt daarom de ondertoezichtstelling van de minderjarige voor een periode van zes maanden, met ingang van 26 januari 2013 tot 26 juli 2013, en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. De verwachting is dat bureau jeugdzorg nu voortvarend zal handelen, mogelijk door uithuisplaatsing, om de noodzakelijke hulp te bieden.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige wordt verlengd van 26 januari 2013 tot 26 juli 2013.