ECLI:NL:RBLIM:2013:CA0865
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens rechtmatig verblijf na voorlopige voorziening
Eisers hadden beroep ingesteld tegen besluiten van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) waarin hun aanvragen voor een toelage op grond van de Regeling verstrekkingen bepaalde categorieën vreemdelingen (Rvb) waren afgewezen wegens het ontbreken van rechtmatig verblijf.
Tegelijkertijd maakten eisers bezwaar tegen de weigering van verblijfsvergunningen voor het uitoefenen van gezinsleven conform artikel 8 EVRM Pro en vroegen zij voorlopige voorzieningen om uitzetting te voorkomen. De voorzieningenrechter wees deze voorlopige voorzieningen toe, waardoor eisers opnieuw rechtmatig verblijf verkregen.
Naar aanleiding hiervan trok het COA de eerdere besluiten in en kende alsnog uitkeringen toe. Eisers trokken daarop hun beroepen in en verzochten om proceskostenvergoeding op grond van artikel 8:75a Awb.
De rechtbank oordeelde dat de intrekking niet het gevolg was van een tegemoetkoming van het bestuursorgaan zelf, maar van een rechterlijke uitspraak in een andere procedure tegen een ander bestuursorgaan. Daarom was artikel 8:75a Awb niet van toepassing en wees de rechtbank de verzoeken om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Verzoeken om proceskostenvergoeding worden afgewezen omdat de intrekking van het beroep niet het gevolg is van een tegemoetkoming door het bestuursorgaan zelf.