ECLI:NL:RBLIM:2013:CA1896
Rechtbank Limburg
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Rechter wijst vordering af over schorsing advocaat en uitleg daarvan door Deken
Een advocaat, tevens register-mediator en belastingadviseur, is door het Hof van Discipline geschorst voor de duur van acht weken in de uitoefening van zijn advocatenpraktijk. De advocaat verzocht de Deken van de Orde van Advocaten om duidelijkheid of deze schorsing ook zijn andere beroepen raakte. De Deken antwoordde dat tijdens de schorsingsperiode ook geen werkzaamheden als mediator of belastingadviseur mogen worden verricht, verwijzend naar eerdere jurisprudentie.
De advocaat stelde dat deze uitleg onrechtmatig was en dat de schorsing alleen betrekking had op advocatuurlijke werkzaamheden. Hij vorderde in kort geding dat de Orde hem niet mocht verbieden zijn andere beroepen uit te oefenen en dat de Deken deze uitleg niet mocht delen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de Deken geen verbod heeft opgelegd, maar slechts de gevolgen van de schorsing heeft uitgelegd op verzoek van de advocaat. De uitleg was gebaseerd op bestaande jurisprudentie en niet evident onjuist. Het verwijt van onrechtmatigheid werd daarom verworpen.
De rechter wees de vorderingen af en veroordeelde de advocaat in de proceskosten van de Orde. De uitspraak bevestigt dat schorsingen in het advocatenberoep ook gevolgen kunnen hebben voor andere nauw verbonden beroepsactiviteiten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst de vorderingen af en veroordeelt de advocaat in de proceskosten.