Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.Het onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
- is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke eisen voldoet en dus geldig is;
- is gebleken dat de rechtbank krachtens de wettelijke bepalingen bevoegd is van het ten laste gelegde kennis te nemen;
- zijn geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan. De officier van justitie kan dus in de vervolging worden ontvangen;
- zijn geen gronden voor schorsing van de vervolging gebleken.
4.De beoordeling van het bewijs
- de driejarige [slachtoffer 1] op 5 december 2013 te Swalmen door verdachte is meegenomen in een auto;
- dit gebeurde zonder toestemming en tegen de wil van [slachtoffer 8], de moeder van [slachtoffer 1] en tevens degene die het ouderlijk gezag over haar heeft.
- haar verklaring, voor zover deze inhoudt dat zij is geslagen, wordt gesteund door de waarneming van het letsel door de verbalisanten naar aanleiding van de bij de aangifte gevoegde foto’s van het letsel;
- haar verklaring, voor zover deze inhoudt dat zij door de verdachte is geslagen, wordt gesteund door de verklaring van de getuigen [getuige 1] en [getuige 2] en de bevindingen van de politie met betrekking tot het bericht dat aangeefster aan [getuige 1] heeft gestuurd.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en de kwalificatie
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De oplegging van straf
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het ten laste gelegde onder 1, 2, 3A primair, 3B primair, 3C primair, 4, 5 primair en 6 bewezen, zoals hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 5.2 is omschreven;
- verklaart verdachte strafbaar;
een gevangenisstraf van 8 jaren;
ontzegtde verdachte
de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigenvoor
5 jarenten aanzien van feit 3A primair, 3B primair en 3C primair.