ECLI:NL:RBLIM:2014:11501
Rechtbank Limburg
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Vaststelling begeleide omgangsregeling tussen vader en minderjarige dochter
De rechtbank Limburg behandelde het verzoek van de vader tot vaststelling van gezamenlijk ouderlijk gezag en een omgangsregeling met zijn minderjarige dochter. Na eerdere proefcontacten die mislukten, adviseerde de Raad voor de Kinderbescherming een begeleide omgangsregeling (BOR) onder professionele begeleiding van de Mutsaersstichting. De minderjarige gaf aan teleurgesteld te zijn door een statement van haar vader en wilde voorlopig geen contact zonder begeleiding.
De kinderrechter heeft de belangen van de minderjarige centraal gesteld en geoordeeld dat herstel van de omgang alleen kans van slagen heeft onder professionele begeleiding, gezien het gebrek aan vertrouwen tussen de ouders en de emotionele situatie van het kind. Zowel vader als moeder zijn verplicht mee te werken aan de BOR.
De rechtbank wijst erop dat het recht op omgang een wettelijk verankerd recht is dat slechts op zwaarwegende gronden kan worden ontzegd, welke hier niet zijn gebleken. De beslissing tot begeleide omgang wordt voorlopig vastgesteld en verdere beslissingen worden aangehouden tot ontvangst van aanvullende rapportages.
Uitkomst: De omgang tussen vader en minderjarige dochter zal voorlopig onder professionele begeleiding van de Mutsaersstichting plaatsvinden.