ECLI:NL:RBLIM:2014:3671
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.H.A.F.M. Krol
- A.M. Schutte
- E.W.A. van den Berg
- Rechtspraak.nl
Nietigverklaring dagvaarding wegens onvoldoende concretisering tenlastelegging kinderpornobezit en verspreiding
De rechtbank Limburg behandelde op 16 april 2014 een zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van bezit en verspreiding van een groot aantal kinderpornografische afbeeldingen. De tenlastelegging betrof duizenden foto’s en video’s met seksuele gedragingen van personen die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet hadden bereikt.
Tijdens de terechtzitting van 2 april 2014 stelde de rechtbank ambtshalve de geldigheid van de dagvaarding aan de orde. De rechtbank constateerde dat noch in de tenlastelegging, noch in het dossier, de afzonderlijke strafbare feiten of specifieke afbeeldingen waren benoemd of beschreven. De beschrijving was globaal en gebaseerd op een collectiescan zonder concrete identificatie van de beelden.
De rechtbank verwees naar jurisprudentie van de Hoge Raad en het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, waarin is bepaald dat bij grote hoeveelheden kinderpornografisch materiaal het Openbaar Ministerie duidelijk moet maken welke afzonderlijke strafbare feiten worden geïdentificeerd. De huidige tenlastelegging voldeed hier niet aan.
Daarom oordeelde de rechtbank dat de dagvaarding nietig is wegens onvoldoende feitelijke betekenis en niet voldoen aan artikel 261 Sv Pro. Hierdoor kon de rechtbank niet inhoudelijk op de zaak ingaan en wees zij de dagvaarding af.
Uitkomst: De dagvaarding is nietig verklaard wegens onvoldoende concretisering van de tenlastelegging.