Uitspraak
1.Het onderzoek van de zaak
4 april 2014.
18 maart 2013ter terechtzitting aanwezig, maar niet op
4 april 2014. Daar de zaak op tegenspraak was begonnen, is deze op tegenspraak voortgezet.
4 april 2014gehoord: de officier van justitie en de raadsman van de verdachte.
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
- is gebleken dat de rechtbank krachtens de wettelijke bepalingen bevoegd is van het ten laste gelegde kennis te nemen;
- zijn geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan, zodat de officier van justitie in de vervolging kan worden ontvangen;
- zijn geen gronden voor schorsing van de vervolging gebleken.
de touwtjes in handen heeft gehad’. De verdachte is een groot deel van de in de tenlastelegging beschreven periode uit andere hoofde gedetineerd geweest.
a prima facieniet verenigbaar is met een uitleg van die bestanddelen naar dagelijks spraakgebruik. Dit om te voorkomen dat handelingen, die kunnen worden betiteld als (seksuele) uitbuiting, straffeloos zouden blijven door een te strikte interpretatie van de diverse bestanddelen.
uitbuiting’. Immers, ook zonder het daadwerkelijk verhandeld zijn van een persoon kunnen ten aanzien daarvan zodanige handelingen worden gepleegd, dat er gesproken moet worden van uitbuiting waardoor er een overtreding is van het verbod van artikel 273f Sr.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en de kwalificatie
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De oplegging van straf en/of maatregel
8.De benadeelde partij
€ 1.533,-. Wegens immateriële schade vordert [slachtoffer]
€ 2.500,-. Ten aanzien daarvan heeft [slachtoffer] gewezen op het feit dat zij door seksueel misbruik pijn heeft geleden en in onzekerheid is komen te verkeren over zwangerschap of geslachtsziekten. Namens [slachtoffer] is daarnaast gesteld dat het bewezenverklaarde feit allerlei psychische klachten tot gevolg heeft. Namens [slachtoffer] is gewezen op een precedent uit de rechtspraak (LJN: BR2945).
geld van klanten’ en ‘
immateriële schade’ een onevenredige belasting voor het strafgeding opleveren en zich derhalve niet lenen daar te worden behandeld.
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
2.tenlastegelegde;
- verklaart het onder
- spreekt de verdachte vrij van het meer of anders tenlastegelegde;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert, zoals hierboven onder
- verklaart de verdachte deswege strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot
- bepaalt dat deze gevangenisstraf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter alsnog de tenuitvoerlegging daarvan gelast omdat de verdachte voor het einde van
verstaat dat de wet als algemene voorwaarde stelt dat de verdachtezich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- veroordeelt de verdachte tot een
- beveelt dat indien de verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht,
- verstaat dat de wet de termijn, binnen welke de taakstraf moet worden voltooid, stelt op
van twee uren per dag.
18 april 2014.