ECLI:NL:RBLIM:2015:10416
Rechtbank Limburg
- Wraking
- F. Oelmeijer
- M.B.T.G. Steeghs
- V.P. van Deventer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen kantonrechter M.P.F. van Dooren naar aanleiding van een mededeling tijdens een zitting dat verzoeker zekerheid moest stellen voordat zijn beroep in behandeling kon worden genomen. Verzoeker meende dat deze mededeling duidde op vooringenomenheid van de kantonrechter.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek aan de hand van het subjectieve en objectieve criterium voor rechterlijke partijdigheid. Er werden geen feiten of omstandigheden gevonden die wezen op subjectieve partijdigheid van de kantonrechter. Ten aanzien van het objectieve criterium oordeelde de kamer dat de mededeling van de kantonrechter een wettelijke verplichting betrof en geen aanwijzing was voor vooringenomenheid.
De wrakingskamer concludeerde dat sprake was van een miscommunicatie en dat verzoeker de mededeling verkeerd had geïnterpreteerd. Er was geen sprake van de schijn van partijdigheid. Het wrakingsverzoek werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen kantonrechter M.P.F. van Dooren is ongegrond verklaard en afgewezen.