Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding,
- de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring,
- de incidentele conclusie van antwoord.
Rechtbank Limburg
Partijen, beiden Nederlands, zijn gehuwd geweest en hun huwelijk is ontbonden door een echtscheidingsbeschikking die het huwelijksvermogensregime onder Nederlands recht plaatste. De eiseres vordert betaling van een bedrag wegens overbedeling uit de huwelijksgoederengemeenschap.
De gedaagde stelt dat de Nederlandse rechter niet bevoegd is omdat hij in Oostenrijk woont. De rechtbank beoordeelt de rechtsmacht aan de hand van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, waarbij een beroep op artikel 4 lid 3 Rv Pro wordt verworpen omdat de echtscheidingsprocedure is beëindigd.
De eiseres beroept zich op artikel 9 onder Pro c Rv (forum necessitatis) vanwege haar financiële situatie, maar dit beroep wordt afgewezen omdat hogere kosten voor een buitenlandse procedure geen voldoende grond vormen. De rechtbank verklaart zich daarom onbevoegd en compenseert de proceskosten zodat ieder zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de vordering en compenseert de proceskosten.