Eiser, voormalig juridisch beleidsmedewerker, betwist de toekenning van de LFNP-functie Bedrijfsvoering specialist B (schaal 10) en stelt dat hij terecht zou moeten worden ingedeeld als Bedrijfsvoering specialist D (schaal 12). De rechtbank onderzoekt of het bestreden besluit van de korpschef bevoegd is genomen en of de toegepaste transponeringstabel als algemeen verbindend voorschrift kan worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelt dat het bestreden besluit bevoegd is genomen en dat de transponeringstabel niet kwalificeert als een algemeen verbindend voorschrift vanwege het ontbreken van een algemeen en abstract karakter. De rechter past een terughoudende toets toe op de matchingsuitkomst, waarbij alleen sprake is van een kennelijk onhoudbare match indien verweerder had moeten overgaan tot hermatching en dit niet heeft gedaan.
De rechtbank concludeert dat de toegewezen functie niet kennelijk onhoudbaar is, mede omdat de matching is gebaseerd op formele korpsfunctiebeschrijvingen en salarisschalen, en de materiële wetgever deze systematiek heeft vastgesteld in overleg met het Georganiseerd Overleg in Politieambtenarenzaken (GOP). Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de korpsfuncties inhoudelijk verschillen en de procedure zorgvuldig is gevolgd.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.