Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- het exploot van dagvaarding d.d. 12 juni 2015
- de mondelinge behandeling ter zitting van 2 juli 2015
Rechtbank Limburg
De huurder huurt sinds mei 2014 een woonruimte tegen een maandelijkse huurprijs van €710. Na het ontstaan van een huurachterstand over juni tot en met oktober 2014 van €3.550,00, is overeengekomen dat de verhuurder gebreken zou herstellen na betaling van €2.000,00 door de huurder. De huurder betaalde dit bedrag, maar niet het resterende bedrag van €1.880,00. Vervolgens bleef de huur over februari tot en met juni 2015 onbetaald, wederom €3.550,00.
De verhuurder vordert ontruiming van het gehuurde en betaling van de huurachterstand, buitengerechtelijke kosten en gebruiksvergoeding. De huurder voert verweer dat er gebreken zijn die niet zijn hersteld, maar maakt dit niet concreet en stelt geen reconventionele vordering tot huurprijsvermindering in.
De rechtbank oordeelt dat de enkele stelling van gebreken zonder concrete onderbouwing ontoereikend is. De huurachterstand rechtvaardigt ontruiming en betaling van achterstallige huur en gebruiksvergoeding. De gevorderde buitengerechtelijke kosten worden afgewezen vanwege het ontbreken van een correcte aanmaning. De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen, betaling van €4.180,00 plus rente, gebruiksvergoeding en proceskosten.
Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen en betaling van huurachterstand en gebruiksvergoeding.