ECLI:NL:RBLIM:2016:3429
Rechtbank Limburg
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding met toewijzing hoofdverblijfplaats en kinderbijdrage, afwijzing partnerbijdrage wegens gebrek draagkracht
De rechtbank Limburg heeft op 12 april 2016 uitspraak gedaan in een echtscheidingsprocedure tussen een vrouw en een man, die gehuwd waren sinds 2005 en een minderjarig kind hebben. De vrouw verzocht de echtscheiding uit te spreken wegens duurzame ontwrichting van het huwelijk. Ondanks het ontbreken van een ouderschapsplan, heeft de rechtbank de vrouw ontvankelijk verklaard in haar verzoek omdat overleg onmogelijk was door ernstige incidenten en bedreigingen.
De rechtbank heeft de hoofdverblijfplaats van het minderjarige kind bij de vrouw vastgesteld en het verzoek tot kinderbijdrage van €260 per maand toegewezen. De partnerbijdrage van €340 per maand is afgewezen omdat de man geen draagkracht heeft, zoals eerder in een voorlopige voorziening was vastgesteld. De vrouw heeft nagelaten dit te betwisten of te onderbouwen.
Verder is het huurrecht van de woning aan de vrouw toegewezen en het voortgezet gebruik van de inboedel voor zes maanden na inschrijving van de echtscheiding. De rechtbank beveelt partijen tot verdeling van de huwelijksgemeenschap over te gaan bij notaris, waarbij de rechtbank een notaris benoemt als partijen geen overeenstemming bereiken.
De beslissing is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders verzochte is afgewezen. De uitspraak is gedaan door rechter P.H.J. Frénay in aanwezigheid van griffier N. van der Veen.
Uitkomst: Echtscheiding uitgesproken, hoofdverblijfplaats en kinderbijdrage toegewezen, partnerbijdrage afgewezen wegens gebrek aan draagkracht.