ECLI:NL:RBLIM:2016:3828

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
4 mei 2016
Publicatiedatum
4 mei 2016
Zaaknummer
04/805006-12
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak openlijke geweldpleging in tent op Kazerneterrein te Blerick wegens onvoldoende bewijs

Op 1 januari 2012 vonden meerdere schermutselingen plaats in een feesttent op het Kazerneterrein te Blerick, waaronder in het R&B-gedeelte, de tussenruimte en de garderobe. De situatie was onduidelijk door tegenstrijdige verklaringen van betrokkenen en getuigen, waardoor het moeilijk was vast te stellen wie wat had gedaan.

De officier van justitie achtte verdachte schuldig aan openlijke geweldpleging in het R&B-gedeelte van de tent, terwijl de verdediging vrijspraak bepleitte wegens gebrek aan overtuigend bewijs. De rechtbank concludeerde dat de belastende verklaringen tegen verdachte onvoldoende betrouwbaar waren en dat niet kon worden uitgesloten dat verdachte slechts een eerste klap had ontvangen en daarna niet meer aan het geweld had deelgenomen.

Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde feit. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege de vrijspraak. De rechtbank wees de benadeelde partij ook in de kosten, die nihil werden begroot.

Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van openlijke geweldpleging.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht
Strafrecht
Parketnummer: 04/805006-12
Tegenspraak
Verkort vonnis van de meervoudige kamer d.d. 4 mei 2016
in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
wonende te [adres] .
De verdachte wordt bijgestaan door mr. M.F.M. Geeratz, advocaat, kantoorhoudende te Venlo.

1.Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 20 april 2016. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.

2.De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

3.De beoordeling van het bewijs

3.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht op basis van de inhoud van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan de openlijke geweldpleging gepleegd in het R&B-gedeelte van een tent op het Kazerneterrein. Van het meer of andere ten laste gelegde dient verdachte te worden vrijgesproken.
3.2
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte van laste gelegde dient te worden vrijgesproken nu niet overtuigend kan worden bewezen dat verdachte zich aan het ten laste gelegde feit heeft schuldig gemaakt.
3.3
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan de verdachte is tenlastegelegd. De verdachte zal van dit feit worden vrijgesproken.
De rechtbank overweegt hiertoe als volgt.
De rechtbank stelt vast dat het in de zeer vroege ochtend van 1 januari 2012 in de feesttent(en) op het Kazerneterrein te Blerick tot meerdere schermutselingen is gekomen. Een van de schermutselingen heeft plaatsgevonden in de zogenaamde R&B zaal/tent. Kennelijk daarna heeft een schermutseling plaatsgevonden in de tussenruimte tussen de R&B zaal/tent en de garderobe. Een derde schermutseling heeft plaatsgevonden in de garderobe.
Uit de uiteenlopende en deels tegenstrijdige verklaringen van betrokkenen en getuigen over wie wat gedaan heeft, leidt de rechtbank af dat de situatie ter plaatse onduidelijk was, doordat er meerdere schermutselingen hebben plaatsgevonden, waarbij telkens de nodige personen betrokken zijn geweest. Bovendien waren er daarbuiten ook nog de nodige personen op de locatie aanwezig. Daardoor zal het in zijn algemeenheid moeilijk vast te stellen en te onderscheiden zijn geweest, wie wat gedaan heeft. Gelet hierop zal rechtbank belastende verklaringen ten aanzien van het geweld dat is toegepast ten aanzien van [slachtoffer] slechts dan tot bewijs bezigen, als deze eenduidig zijn en/of meervoudige bevestiging vinden in ander bewijsmateriaal.
De verdachte en zijn medeverdachten (met uitzondering van [medeverdachte] ) hebben ontkend deelgenomen te hebben aan een vechtpartij of dat ze geweld tegen [slachtoffer] hebben gebruikt.
Aan de verdachte wordt verweten dat hij betrokken was bij de schermutseling in de R&B zaal.
De voor verdachte belastende verklaringen zijn vooral afgelegd door de broers [slachtoffer] en [broer slachtoffer] . Verder heeft nog belastend verklaard [betrokkene] , de vriendin van [slachtoffer] . De rechtbank heeft twijfels bij de betrouwbaarheid van hun afgelegde verklaringen, omdat ze niet stroken met andere verklaringen en de verklaring van de verdachte.
De rechtbank kan daarom niet uitsluiten, dat verdachte een eerste klap van [slachtoffer] heeft gekregen, en vervolgens niet meer aan het geweld jegens deze heeft deelgenomen, wellicht mede door zijn bij de reclassering genoemde grote alcoholgebruik.
Het vorenstaande leidt de rechtbank tot de conclusie dat er in de zaak van verdachte onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is en zij komt derhalve tot vrijspraak.

4.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel

De benadeelde partij [slachtoffer] , gemachtigde mr. R.F.P.J. Coppus, advocaat te Venlo, vordert een schadevergoeding van € 10.945,08.
Gelet op de omstandigheid dat de verdachte ten aanzien van het ten laste gelegde feit zal worden vrijgesproken, kan de benadeelde partij niet in haar vordering worden ontvangen.

5.De beslissing

De rechtbank:
Vrijspraak
- spreekt de verdachte vrij van het tenlastegelegde feit;
Benadeelde partij
  • verklaart de benadeelde partij, [slachtoffer] , gemachtigde mr. R.F.P.J. Coppus, advocaat te Venlo, niet-ontvankelijk in haar vordering;
  • veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot tot heden op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. Wöretshofer, voorzitter, mr. C.M.W. Nobis en mr. L.J.A. Crompvoets, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.P.J.M. Vugs, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 4 mei 2016.
Buiten staat
Mr. J. Wöretshofer is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.
BIJLAGE I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat
hij (op één of meer momenten) op 1 januari 2012 te Blerick, in elk geval in de gemeente Venlo, met een ander of anderen, op een voor het publiek toegankelijke plaats of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten in het R&B-gedeelte en/of in de garderobe van een tent op het Kazerneterrein, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [slachtoffer] , welk geweld bestond uit het gooien van, althans het slaan met, een fles tegen het hoofd van genoemde [slachtoffer] en/of het meermalen slaan en/of trappen van genoemde
[slachtoffer] .