Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
- hij/zij de betreffende aangifte(n) niet heeft ingevuld;
- het niet zijn/haar handtekening en handschrift zijn op de betreffende aangifte(n);
- de in de betreffende aangifte(n) vermelde gegevens met betrekking tot de dienstbetrekkingen, het loon en de loonheffing niet juist zijn;
- het in de aangifte(n) vermelde bankrekeningnummer niet zijn/haar bankrekeningnummer is.
- het ingevulde sofi-nummer en de ingevulde geboortedatum van hem zijn;
- [naam belastingaangifte 8] een oud-werkgever van hem is;
- het ingevulde bankrekeningnummer hem onbekend is;
- hij niet weet van wie het handschrift en de handtekening zijn;
- de gegevens met betrekking tot de werkgevers, het loon en de loonheffing niet juist zijn.
- [naam belastingaangifte 1] (D-020, D-021, D-065, D-066 en D-067),
- [naam belastingaangifte 2] (D-018, D-019, D-093, D-100 en D-101),
- [naam belastingaangifte 3] (D-016, D-017, D-094, D-156),
- [naam belastingaangifte 4] (D-046 en D-047),
- [naam belastingaangifte 5] (D-063),
- [naam belastingaangifte 6] (D-096 en D-097),
- [naam belastingaangifte 8] (D-098),
- [naam belastingaangifte 9] (D-103, D-104, D-105, D-106, D-107, D-108 en D-109),
- [naam belastingaangifte 10] (D-014, D-015, D-198 en D-199) en
- [naam belastingaangifte 11] (D-112, D-113, D-114 en D-115)
- [adres 1] te Maastricht, van 27 oktober 2005 tot en met 10 augustus 2009;
- [adres 6] te Maastricht, van 10 augustus 2009 tot en met 1 juli 2010;
- [adresgegevens verdachte] , van 1 juli 2010 tot en met heden.
- [adres 1] te Maastricht, van 11 mei 2009 tot en met 26 maart 2010;
- [adresgegevens verdachte] , van 26 maart 2010 tot en met 1 juli 2010;
- [adres 6] te Maastricht, van 1 juli 2010 tot en met 5 oktober 2010;
- [adresgegevens verdachte] , van 26 april 2011 tot en met 7 juni 2011.
- [naam belastingaangifte 2] , [naam belastingaangifte 3] , [naam belastingaangifte 5] en [naam belastingaangifte 6] in de nabijheid van de verdachten hebben gewoond en dat (een gedeelte van) de post op deze adressen voor het grijpen lag;
- [naam belastingaangifte 4] en [naam belastingaangifte 9] op hetzelfde adres hebben gewoond als de verdachten;
- [naam belastingaangifte 4] en [naam belastingaangifte 1] de verdachten kennen.
- op de aangifteformulieren van [naam belastingaangifte 10] het adres [adres 6] te Maastricht is vermeld, terwijl beide verdachten op het adres [adres 6] hebben gewoond;
- op de aangifteformulieren van [naam belastingaangifte 11] het adres [adres 3] is vermeld, een adres dat eveneens is vermeld op de aangiften van [naam belastingaangifte 2] en [naam belastingaangifte 3] .
- 9.158 euro aan ten onrechte ontvangen belastingteruggaven op eigen naam;
- 23.970 euro aan ten onrechte ontvangen belastingteruggaven op naam van derden;
- 8.735,15 euro aan onbekende kasstortingen.
De bewijsmiddelen
Conclusie
De bewijsmiddelen
- op 14 september 2010 een bedrag van 11.894 euro en
- op 14 september 2010 een bedrag van 12.076 euro
De conclusie
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.5 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is tenlastegelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor het onder 1 primair en 2 tenlastegelegde tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd zich heeft schuldig gemaakt aan een strafbaar feit.