ECLI:NL:RBLIM:2016:6838
Rechtbank Limburg
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vervangende toestemming voor zomervakantie met minderjarige kinderen naar Turkije
De vrouw vordert in kort geding vervangende toestemming voor een zomervakantie naar Izmir en Didim in Turkije met haar twee minderjarige kinderen, nadat de man zijn aanvankelijk verleende toestemming had ingetrokken. De kinderen hebben hun hoofdverblijfplaats bij de vrouw en partijen oefenen gezamenlijk gezag uit.
De man beroept zich op de onveilige situatie in Turkije, met recente terroristische aanslagen en een mislukte staatsgreep, als reden voor zijn weigering. De vrouw wijst erop dat het Ministerie van Buitenlandse Zaken geen negatief reisadvies voor de betreffende regio's heeft afgegeven en dat de vakantieplaatsen niet in risicogebieden liggen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de man weliswaar terechte zorgen heeft, maar onvoldoende heeft toegelicht waarom hij zijn toestemming twee weken na instemming intrekt. De kans op gevaar voor de kinderen is niet significant hoger dan in West-Europa, en de belangen van de vrouw en kinderen bij de vakantie wegen zwaarder dan het door de man gestelde belang.
Daarom wordt de vervangende toestemming aan de vrouw verleend, met een compensatie van de proceskosten waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vrouw krijgt vervangende toestemming om met haar kinderen naar Turkije op vakantie te gaan ondanks de ingetrokken toestemming van de man.