Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De maatregel
Nou weet je. Als iemand er iets van ziet wel.” Eenmaal in de woning van [slachtoffer] heeft verdachte ontuchtige handelingen met [slachtoffer] gepleegd, onder meer het over en weer betasten van elkaars penis. Ook is verdachte het lichaam van [slachtoffer] seksueel binnengedrongen. Hij heeft zich namelijk laten pijpen door [slachtoffer].
7.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
- opzet om immateriële schade toe te brengen;
- aantasting in de persoon door lichamelijk letsel, schade aan de eer en goede naam of op een andere wijze (zoals inbreuk op de persoonlijke levenssfeer);
- bepaalde gevallen van aantasting van de nagedachtenis van een overledene.
8.De vordering tot tenuitvoerlegging
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd.
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar.
dadelijk uitvoerbaar.
- wijst de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [slachtoffer] gedeeltelijk toe tot een bedrag van € 1.097,55 en veroordeelt de verdachte om dit bedrag tegen behoorlijk bewijs van betaling te betalen aan de benadeelde partij;
- bepaalt dat voormeld toegewezen bedrag aan materiële en immateriële schade vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 4 juli 2015 tot aan de dag der algehele voldoening;
- verklaart voornoemde benadeelde partij niet-ontvankelijk met betrekking tot de gevorderde immateriële schade voor zover deze meer beloopt dan € 1.000,00, met bepaling dat de benadeelde partij het deel van de vordering waarin zij niet-ontvankelijk is verklaard slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
- legt aan de verdachte de verplichting op om ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer] voornoemd, aan de staat te betalen een bedrag van € 1.097,55 als vergoeding voor materiële en immateriële schade, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 20 dagen hechtenis, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft;
- bepaalt dat voormelde betalingsverplichting vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 4 juli 2015 tot aan de dag der algehele voldoening;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de staat, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan zijn verplichting tot betaling aan de benadeelde partij, daarmee zijn verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- veroordeelt verdachte tevens in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak en de invordering van voormeld bedrag alsnog te maken, tot op heden begroot op nihil.
- betasten van en/of knijpen in de penis en/of de billen van die [slachtoffer] en/of
- laten betasten van zijn, verdachtes, penis door die [slachtoffer] en/of
- tongzoenen van die [slachtoffer] en/of
- pijpen van die [slachtoffer] en/of
- duwen en/of brengen van zijn, verdachtes, penis op/tegen de billen en/of de anus van die [slachtoffer] en/of met zijn, verdachtes, penis strijken over de billen van die [slachtoffer].