ECLI:NL:RBLIM:2016:8986
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte medeplegen voorbereidingshandelingen synthetische drugsproductie
In deze strafzaak stond verdachte terecht wegens medeplegen van voorbereidingshandelingen voor de productie van amfetamine, MDMA en aanverwante stoffen op drie locaties in Eindhoven, Lomm en Roermond. Het onderzoek startte begin 2015 na TCI-informatie en leidde tot doorzoekingen waarbij diverse chemicaliën en goederen werden aangetroffen.
De officier van justitie vorderde bewezenverklaring voor de locaties Eindhoven en Lomm, en vrijspraak voor Roermond. Verdachte werd verweten betrokken te zijn bij logistiek en contact met medeverdachten, onder meer via sms-berichten en ontmoetingen.
De verdediging voerde aan dat verdachte niet wettig en overtuigend met de locaties of transporten kon worden verbonden en dat het enkele contact met medeverdachten onvoldoende was voor medeplegen. De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om verdachte aan de voorbereidingshandelingen te verbinden. Telefonisch contact en aanwezigheid nabij locaties waren onvoldoende om een machtsrelatie en bewustheid omtrent de stoffen aan te tonen.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Daarnaast werd een politieblouson die bij verdachte was aangetroffen onttrokken aan het verkeer wegens het risico op misbruik.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor medeplegen voorbereidingshandelingen.