Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de meervoudige kamer van 19 oktober 2016 in de zaken tussen
[eiser 1],
[eiser 12],
[vergunninghouder], te [woonplaats],
Procesverloop
Overwegingen
ECLI:NL:RVS:2013:1910) heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) het beroep tegen die revisievergunning ongegrond verklaard. Op 9 april 2013 en
ECLI:NL:RVS:2013:BZ9087) onherroepelijk is geworden. Dat eisers geen beroep hebben ingesteld tegen het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan komt voor hun risico. Zij hadden er immers rekening mee kunnen houden dat de uiteindelijke vaststelling van het bestemmingsplan kan afwijken van het (voor)ontwerp. Dat zij van mening zijn door het gemeentebestuur te zijn misleid over de uiteindelijke bestemming van het perceel van vergunninghouder, maakt dat niet anders. Er is dan ook geen grond voor het oordeel dat enig plandeel waaraan de aanvraag is getoetst verbindende kracht mist of anderszins buiten toepassing zou moeten blijven. Voor zover het betoog van eisers aldus moet worden begrepen dat de door hen beoogde planologische afweging alsnog had moeten plaatsvinden in het kader van de afweging voor het gebruik van de binnenplanse afwijkingsbevoegdheid, slaagt dat niet omdat de afweging over (de aard en omvang van) de ter plaatse geoorloofde agrarische bedrijven daarbij niet aan de orde is, nu toepassing van deze afwijkingsbevoegdheid enkel betrekking had op de goothoogte van stal a-a. Dat voldaan is aan de voorwaarden voor toepassing van die bevoegdheid is door eisers niet bestreden. De beroepsgronden slagen niet.
het bedrijfsmatig houden van dieren zonder dat het bedrijf hoeft te beschikken over grond bestemd voor de voerproductie van deze dieren. De dieren worden in stallen of hokken gehouden. Waar in dit bestemmingsplan wordt gesproken over intensieve veehouderij wordt onder meer gedoeld op varkens, kippen, vleeskuikens, vleeskalveren, eenden, pelsdieren, konijnen, kalkoenen of parelhoenders; melkveehouderij wordt niet als intensieve veehouderij beschouwd;
Beslissing
- verklaart het beroep van [eiser 14] niet-ontvankelijk;
- verklaart de beroepen van de overige eisers ongegrond.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 19 oktober 2016.