De zaak betreft een vordering van Direct Pay Services B.V. (DPS) tegen een consument die onbetaalde energiefacturen niet heeft voldaan. DPS had de vordering overgenomen van Essent en eiste betaling van openstaande facturen en voorschotnota’s.
De gedaagde stelde in verzet dat de energiemeter defect was, waardoor een onterecht hoog verbruik in rekening was gebracht. Ter onderbouwing overhandigde hij jaarafrekeningen van andere periodes. De kantonrechter oordeelde echter dat de meterstanden in de aanliggende periodes normaal waren en dat geen aanwijzingen waren dat de meter was gewijzigd of hersteld. Ook het gelijktijdig defect zijn van zowel elektriciteits- als gasmeter achtte de rechter onwaarschijnlijk.
Verder werd overwogen dat het corrigeren van verbruik bij opvolgende energieleveranciers een algemeen bekend verschijnsel is. Er werd geen voldoende bewijs geleverd voor het defect van de meter. De voorschotnota’s werden eveneens als correct beoordeeld.
De kantonrechter wees het verweer van de gedaagde af, bekrachtigde het verstekvonnis van 23 september 2015 en veroordeelde de gedaagde in de kosten van de verzetprocedure.